13 november 2010

Melk, de ontstoken motor


In de melkveehouderij geldt internationaal marktwerking. Dat betekent dat wanneer er meer melk geproduceerd wordt, dat dan de prijs omlaag gaat. Maar ook dat wie de kostprijs laag weet te houden en veel produceert best wel wat kan verdienen. Soms zijn de weersomstandigheden in het buitenland zo extreem dat tijdelijk de melkprijs stijgt. En dat smaakt naar meer.
In de politiek daaromheen probeert de ene partij de melkproductie te verlagen en de andere partij zoveel mogelijk vrijheid te verkrijgen om zoveel te produceren als hij wil. Al jaren geldt binnen de landen van de EU een melkquotum. Wil een boer meer melken, dan moet hij quota bij kopen. In Nederland stoppen dagelijks boeren dus er komt regelmatig quota vrij. Sommige boeren hebben zelf niet eens een bedrijf, maar leven van hun quota. Melkt een boer over zijn quota dan moet hij een boete betalen. Afgesproken in de EU is dat in 2015 de quota worden afgeschaft. Tot 2015 mogen boeren jaarlijks 2% boven het quotum produceren. Nederlandse boeren doen dat, Duitse en Franse boeren produceren juist minder om zo de prijs omhoog te drijven. In dit krachtenveld is onduidelijk wie wint: degene die zich inhoudt en een hogere prijs krijgt of degene die bulk produceert.
Wel is duidelijk dat de Nederlandse boeren de laatste jaren geïnvesteerd hebben in megastallen om deze te kunnen vullen als zij de melkprijs zien stijgen. Betekent dit dat niet elke megastal boordevol met koeien staat? Nee, sommige megastallen zijn halfvol. Veel koeien melken met een hoge kostprijs is economisch niet aantrekkelijk. En de kostprijs in Nederland is hoog. Een boer probeert daarom zoveel melk uit een koe te persen als deze maximaal kan geven. Het gevolg is een veestapel die kwetsbaar is voor ziekten als uierontsteking, 70% van de koeien is op de een of andere manier kreupel.
Er is in ons land te weinig voer om zoveel koeien te kunnen voeren. Dat komt door het koelere klimaat en het te geringe landoppervlak. Daarom importeren we soja uit de landen die het verbouwen in plaats van de regenwouden. Hebben we dan zoveel melk nodig? Nee, maar de Nederlandse agrosector wil graag haar producten exporteren. Is er dan zoveel vraag uit het buitenland? Slechts 15% van de wereldbevolking eet zuivelproducten, maar melk wordt ook gebruikt om grondstoffen te maken voor andere voedingsmiddelen of producten. Of de melk wordt gemengd met andere ingrediënten om een bepaald trendy smaakje te vormen of de suggestie te wekken dat het gezond is.
Is melk dan op zichzelf niet gezond? Niet echt. Koeien worden zo gepresst (zeg maar uitgemolken) tot ontstekingen aan toe. Die ontstekingen in de uiers komen in de melk, zeg maar de pus uit de interne wond. Die pus mag niet een bepaalde waarde overschrijden. Die waarde wordt het celgetal (kiemgetal) genoemd. Het is merkwaardig dat melk sowieso ontstekingsproducten mag bevatten. Melk met een hoog getal wordt niet uit de markt genomen maar er wordt bijvoorbeeld kaas van gemaakt.

Moraal van dit verhaal? De Nederlandse boer graaft met zijn hebzucht het graf van zijn sector en het landschap van het platteland is verziekt met enorme loodsen. Staatssecretaris Bleker wil een brede maatschappelijke discussie over deze kwestie. Maar de weg van de grootschaligheid loopt dood. Het is allemaal uitstel van executie en het is maar te hopen dat de Nederlandse politici zich niet laten verleiden tot het in de EU verboden geven van staatssteun om de doodstrijd van de sector te verlengen. Dat is allemaal weggegooid geld dat beter gestoken kan worden in de uitbreiding van de natuur.

Het is dus niet zo best gesteld met het imago van de melkveehouder. Sommigen lopen binnen en met dat gegeven proberen reclamemakers het imago op te krikken. Kijk eens met de kennis van hierboven naar dit reclamefilmpje.