Posts weergeven met het label melkveehouders. Alle posts weergeven
Posts weergeven met het label melkveehouders. Alle posts weergeven

8 mei 2019

Hoogproductieve koeien zijn snel uitgemolken

Boeren in het algemeen willen nog wel eens beweren dat zij hun dieren goed behandelen en dat hun koeien gezond zijn omdat zij anders minder snel zouden groeien en minder zouden produceren. De agrosector voert de hoge productie van een dier (veel melk, snelle vleesgroei) aan als bewijs dat het met het dierenwelzijn wel goed zit. Dat is niet zo omdat de productie bij een jonge melkkoe toch wel een paar jaar door gaat, ook als het niet goed wordt behandeld.
Als de stelling van de boeren zou kloppen, moeten hoog productieve koeien langer mee gaan, maar de productieve levensduur van de koe daalt, of blijft in het gunstigste geval gelijk.
Koeien worden gemiddeld na drie lactaties (drie keer kalveren) naar de slacht gebracht. De boeren vrezen anders hoge ziektekosten kwijt te zijn aan een dierenarts.
Koeien gaan veel melk produceren wanneer daarop is gefokt en hun voer daarop is afgestemd.
Beweren dat de hoge productie samenhangt met dierenwelzijn is een misvatting, die er bij helaas nog te veel toehoorders ingaat als zoete koek. De hoogproductieve Nederlandse koe gaat nog steeds jong naar de slacht ondanks het feit dat met veel minder kosten het dier gemakkelijk dubbel zo lang in de stal kan worden gehouden. Daarnaast kan een koe met gemak drie tot vier keer langer leven dan het nu gemiddeld wordt.
Maar veehouders hebben geen belang bij een lange levensduur. Ze willen een koe met zo min mogelijk kosten een zo hoog mogelijke productie laten geven. Wanneer zij die doelstelling niet zouden hebben en echt gericht zouden zijn op dierenwelzijn dan zouden ze andere type koeien houden die langer melk blijven geven en in hun levensjaren gemiddeld minder geld zouden kosten.
Maar zo denkt een gemiddelde veehouder om onbegrijpelijke redenen niet. Of het moet zijn dat hij graag een wedstrijdje houdt wie de grootste heeft. Boeren zijn nu eenmaal trots op hoge productie, grote veestapel, grote tractoren en veel hectares.
Om deze hoge productie vol te houden worden de koeien meer en meer binnen gehouden. De zuivel wordt op de wereldmarkt afgezet of gedumpt. Kleine boeren worden uit de markt gedrukt.
Ons land profiteert er niet van en het dierenwelzijn en het landschap (biodiversiteit) en de kwaliteit van het milieu (inclusief grond- en oppervlaktewater) zijn door de overdadige mestinjectie de dupe.

Tenslotte laat de agrosector een kans liggen om substantieel bij te dragen aan het voorkomen van de klimaatopwarming en het stoppen van de teloorgang van de natuur en aan het bevorderen van biodiversiteit.

Wanneer een mens geen weet heeft van wat wezenlijk het bezwaar is van het uitbuiten van dieren en van mening is dat dieren minder rechten hebben dan mensen dan heeft een gesprek over dierenwelzijn weinig zin. Ligt de reden in minachting van dieren en mensen die voor dierenrechten opkomen?
Meer lezen over de (opzettelijke) spraakverwarring tussen boeren, burgers en politici, klik hier.


2 april 2019

Melk net zo slecht als vliegen of kolen

De melkveehouderij is net zo schadelijk voor het klimaat als alle kolencentrales in Nederland.
De milieuorganisatie Natuur en Milieu heeft laten uitrekenen dat de negatieve invloed van de Nederlandse luchtvaart op het klimaat de komende dertig jaar zal verdubbelen. Tenminste, als er geen extra maatregelen worden getroffen. De uitstoot stijgt in dat geval van 12 megaton (Mton) in 2017, naar ruim 23 Mton in 2050 (NOS, 2-4-2019).
Het is mooi dat Natuur en Milieu door gerenommeerde onderzoekers (CE Delft, Royal Haskoning DHV) laat uitzoeken welke klimaatschade de verschillende sectoren nu en in de toekomst veroorzaken. Maar er wordt wel een beetje selectief gewinkeld. Vliegen, kolencentrales en vlees staan hoog in de top tien schadelijke activiteiten die met enige regelmaat worden opgesteld. In de Nederlandse lijstjes ontbreekt stelselmatig een van de meest schadelijke stoffen voor het klimaat: melk.
Dat is op z’n minst merkwaardig, want de Nederlandse melkveehouderij stoot bijna net zoveel CO2 uit als alle Nederlandse kolencentrales bij elkaar. En twee keer zoveel als het vliegverkeer.
Bij elke kilo melk die een koe geeft, krijgen we ook 1,2 kilo CO2 meegeleverd. Niet zozeer via de mest, maar omdat koeien scheten laten en vooral boeren ("burp"). Een kwart van die uitstoot is methaan en/of lachgas. Deze cijfers over de uitstoot komen overigens uit de sector zelf. En verder kan de koe er niks aan doen: ze doet het al sinds ze wordt gemolken.
Volgens ZuivelNL werd in Nederland vorig jaar 13,9 miljard kilo melk geproduceerd. Dat levert bijna 17 miljard kilo CO2 op, oftewel 17 Mton. (13,9 maal 1,2). Volgens berekeningen van het CBS stoot het Nederlandse veenweide gebied (geheel in gebruik bij delen van de melkveehouderij,) jaarlijks ruim 7 Mton CO2 uit. Die uitstoot zit niet in de 1,2 kilo van de sector, maar moet natuurlijk wel worden meegerekend.
Samen maakt dat bijna 24 Mton CO2. Dat is net zoveel als de uitstoot van alle Nederlandse kolencentrales bij elkaar, en twee keer zoveel als het Nederlandse vliegverkeer nu uitstoot.
Als we de verwerking van de melk ook nog meenemen, komt er zomaar 8 Mton bij. Volgens de overheidssite emissieregistratie.nl stoot alleen Friesland Campina al bijna 6 Mton per jaar uit. Friesland Campina verwerkt ongeveer 80% van alle `Nederlandse melk. Als alle transport (gekoeld) en opslag (gekoeld) ook nog zou worden meegerekend, schuiven we aardig in de buurt van de 40 Mton. Dat is ongeveer de uitstoot van alle verkeer in Nederland.

Boerenorganisaties als de LTO houden de CO2 uitstoot van de melkveehouderij het liefst onder pet, maar als het dan toch op tafel komt, wijzen zij er vaak op dat het aantal koeien sinds 1990 met bijna een kwart is gedaald. Dat is mooi, maar de CO2 uitstoot wordt niet berekend per koe, maar per geproduceerde kilo melk. Ondanks het gedaalde aantal koeien is de Nederlandse melkproductie nagenoeg verdubbeld, en dus ook de CO2 uitstoot.
Verder wordt gemeld dat het boerenbedrijf ook CO2 opvangt. Gras gebruikt CO2 om te groeien, dus de CO2 die de koe uitstoot gaat per kerende post uit de stal naar de naast gelegen weilanden. Dat het gras regelmatig wordt gemaaid en weer wordt opgevreten door de koe is volgens de boeren een detail, want een fors deel van de door het gras opgenomen CO2 verdwijnt naar de wortels. Zeggen de boeren.

Circulair meneertje, grondgebonden mevrouwtje.
Nou niet helemaal, of liever helemaal niet. Een kwart van de CO2 uitstoot van een koe bestaat uit lachgas en/of methaan. Dat wordt niet opgenomen door het gras, maar drijft tot 28 jaar in de atmosfeer rond voordat het is afgebroken. En met grasland voor koeien is het zo gesteld: vroeg of laat gaat de ploeg er in om de grasmat te vernieuwen. Bij dat ploegen komt alle via de wortels opgeslagen CO2 gewoon weer vrij.
Dus niks circulair meneertje, en al helemaal niet grondgebonden mevrouwtje. Koeien vreten allang niet meer uitsluitend gras, maar krijgen een menu voorgeschoteld dat voor 30% tot 40% bestaat uit aangekocht voer waarin voedingsstoffen die vaak uit verre landen komen zijn verwerkt. Graan uit de Oekraïne, soja uit Zuid-Amerika, tapioca uit Azië. Naast melk leveren deze voedingsstoffen ook stront op. Die zou eigenlijk terug moeten, maar blijft hier. Net als de klimaatschade die wordt veroorzaakt door de melk die weer voor 70% wordt geëxporteerd. Raar, want die stront- en klimaatschade zou natuurlijk gewoon in de vorm van een prijskaartje moeten worden meegestuurd.


Maar we houden het allemaal lekker hier. En zo staat de Nederlandse koe als het gaat om Nederlandse klimaatschade, direct naast de kolencentrale en het vliegtuig.

marien abrahamse

30 oktober 2018

Een boer krijgt wat hij er zelf van maakt

LTO Nederland vraagt met #watkrijgtdeboer aandacht voor de 'scheve situatie' waarvan veel consumenten niet eens weet van hebben. Het inkomen van boeren en tuinders staat ondertussen al jaren onder druk terwijl de kostprijs oploopt. De consument wil niet alleen voedsel dat er mooi uit ziet en waarvan de kwaliteit hoogwaardig is, maar is ook steeds meer geïnteresseerd in de wijze waarop zijn of haar voedsel is geproduceerd, aldus LTO.

De consument betaalt 90 cent voor een liter melk en de boer krijgt maar 33 cent. Maar voor dat verschil wordt dat witte spul opgehaald, verwerkt, opgeslagen, nog eens opgeslagen, gekoeld gehouden en vervolgens te koop gezet in een duur pand waar al even duur personeel rondloopt of vervoerd naar een ver land.
Komt nog bij dat de melkveehouders door overproductie zelf de prijs die ze krijgen laag houden: meer dan de helft van de Nederlandse melk wordt met verlies verkocht omdat er teveel van is. Die verliezen worden gecompenseerd door woekerwinsten op het maken van melkpoeder als basis voor babymelk in China.

De oplossing voor de lage prijzen voor de boer? Minder produceren, en ja dat kost een aantal boeren de kop. Is dat erg? Dat gebeurt overal en in elke bedrijfstak. Minder melk, en dus minder boeren betekent minder verspilling. Niet alleen van geld, maar ook van milieu en dierenwelzijn. Het scheelt een hoop gesleep met voer en mest, terwijl het landschap er van opknapt en wellicht de insecten en de weidevogels weer terug kunnen keren.
Kortom: win, win, win, dat wordt tegenhouden door een groep halsstarrige boeren die gesteund door het CDA, de VVD en de ChristenUnie niet van ophouden weten.

marien abrahamse

Klik hier om meer te lezen over de (fluctuaties in de) melkprijs of in de Internetversie bij de labels.

17 augustus 2018

Reduceer het broeikaseffect door minder vee te houden

De Nederlandse melkveehouderij draagt veel bij aan de uitstoot van broeikasgassen. Dat gebeurt niet alleen in de vorm van boeren en scheten van koeien die methaangas laten ontsnappen, ook verlaging van grondwaterstand ten gerieve van de boeren draagt bij aan onnodige CO2 uitstoot.
De sector is daarom bezig om te kijken hoe zij de uitstoot kunnen verlagen. Echter de meest voor de hand liggende maatregel –inkrimping van de veestapel- wordt niet overwogen. Het argument dat daarbij wordt aangevoerd is dat de agrosector zou bijdragen aan de Nederlandse economie en dat bij krimp het buitenland de aanwas zou overnemen.

Bij veel aanhoorders van deze demagogie zal het tot verwarring leiden: wat moeten we hiervan vinden? Moeten de Nederlandse veehouders gesteund worden of met rust worden gelaten?
Weinigen zullen op het idee komen dat de agrosector opzettelijk verwarring sticht.

Vleesconsumptie en vleesproductie dragen bij aan klimaatopwarming. Zowel de vleesetende consument, als de vlees producerende boer als de beleid makende politici kunnen bijdragen aan een balans waarbij ons land haar verantwoording neemt in de afname in CO2 productie. Door de veestapel te verkleinen en tevens buiten in de wei te laten lopen kunnen dierenwelzijn en belasting van het milieu in een natuurlijke balans komen. Scheten en boeren van een kleine veestapel zijn geen belasting van het milieu. Dat doet een te grote veestapel wel en ook om andere redenen: mestoverschot, landschapspijn, oppervlakte- en grondwatervervuiling, dierenleed in megastallen etc..

Lapmiddelen als mestvergisting zijn niet alleen economisch onrendabel, ze zijn een excuus om het echte probleem aan te pakken: de omvang van de veestapel en het in stand houden van de disbalans in export. Er wordt in ons land niet vee gehouden voor de eigen bevolking maar om het te kunnen verkopen op buitenlandse markten. Wij houden de shit en het buitenland profiteert van kunstmatig lage voedselprijzen.

Ook de uitstoot van ammoniak zorgt indirect voor opwarming van het klimaat.
Het Dagblad van het Noorden schrijft:
"Nadat reactieve stikstof op land heeft bijgedragen aan de vermindering van biodiversiteit, komt het in rivieren of grondwater terecht. Het stikstof- en dus voedingrijke water komt uiteindelijk terecht in zee, waar het overmatige algengroei veroorzaakt die vissen verstikt. Door verdamping komt het vervolgens als lachgas (N2O, distikstofoxide) in de atmosfeer. Daar draagt het bij aan de opwarming van de aarde (het broeikaseffect van lachgas is 250 keer sterker dan dat van CO2), tast het de ozonlaag aan, waarna het wordt afgebroken."

14 juli 2018

Welke veehouders dragen bij aan opwarming van de aarde?

Sommige melkveehouders beweren dat zij geen bijdrage leveren aan de opwarming van de aarde omdat hun koeien gras eten, daarvan mest maken en dat die mest weer wordt uitgereden over het land. Vervolgens sluit de mest de kringloop omdat het gras daarop beter groeit en CO2 omzet in zuurstof. Het is onmiskenbaar waar dat een deel van grondgebonden veehouderij een voorbeeld van een gesloten kringloop is en daarmee relatief onschuldig. Zo was het vroeger algemeen, toen het nog allemaal kleinschalig was en geen bulkproductie. Maar een ander deel van wat koeien produceren: melk, vlees en methaangas is onderdeel van een kringloop die wel degelijk verontrustend veel bijdraagt aan broeikasvorming en daarmee aan ongewenste opwarming van de aarde. Dan zijn er nog poep en urine van het vee, die samen in de mestkelder ammoniakgas vormen. De uitstoot daarvan in de stal en bij het uitrijden is schadelijk voor de gezondheid van het vee, de boer, het milieu en de biodiversiteit.

Het is vooral de vlees- en zuivel producerende sector die haar afzet zoekt op ver weg gelegen markten via de export die bijdraagt aan klimaatopwarming. Veevoer wordt uit een ander halfrond geïmporteerd en de pr0ducten over de hele wereld getransporteerd.

Wanneer de mensheid minder vlees zou produceren, eten en de Nederlandse veehouderij minder zou exporteren zou daarmee de grootste bedreiging van het klimaat en nog meer ellende worden weggenomen. Op dit punt dragen veel partijen mede verantwoordelijkheid. De Nederlandse boeren zouden die verantwoordelijkheid het beste kunnen invullen door mee te gaan in een sterke reductie van de veestapel. Hoe een inkomen uit die nieuwe situatie valt te halen is een kwestie van overleg. De boeren zouden dan bescherming moeten hebben tegen de vrije marktwerking waarvan ze daarvoor schaamteloos hebben geprofiteerd via de export. Dat vraagt internationaal overleg om weer te komen naar een balans in productie en afname. Geen enkel land zou voedsel moeten overproduceren ten koste van het klimaat, milieu, dierenwelzijn en meer.

Klik hier om meer te lezen over verantwoordelijkheid in de omgang met dieren.

7 juni 2018

Het risico van ongebreideld automatiseren via melkrobots

Regisseur Vuk Janić maakte de film ‘Het mysterie van de melkrobots’ over de overleving van hun bedrijf die vele boeren in Nederland dagelijks voeren. Doel van de film is om de agrarische sector en de maatschappij met elkaar te verbinden.
De film gaat over Johan van Rijthoven, die een gezond melkveebedrijf wil overdragen aan zijn kinderen. Maar een grote investering loopt spaak: zijn koeien willen om onbekende redenen niet meer gemolken worden door de melkrobot. Zijn bedrijf wordt hierdoor met de financiële ondergang bedreigd. De boer is bereid om al zijn grond te verkopen om het voorbestaan van het bedrijf te garanderen. Om een faillissement te voorkomen, bindt de melkveehouder de strijd aan met een multinational die hem de drie melkrobots levert en de dealer die de robots onderhoudt. Een strijd die leidt tot confrontaties met zichzelf, met zijn directe omgeving en met onbeheersbare krachten op zijn erf.

Adviseurs van de Rabobank overtuigden van Rijthoven om de aanschaf van drie melkrobots te doen ter waarde van meer dan 1 miljoen euro. Samen met de uitbreiding van de veestapel zou van Rijthoven meer tijd overhouden en geld kunnen verdienen.

Koeien laten zich niet zomaar melken door een robot. Om hen naar binnen te lokken in de melkrobot krijgen ze bix, krachtvoer. Een computer houdt bij hoeveel en hoe vaak. Tijdens het melken in de robot wordt gemeten wat de samenstelling en hoeveelheid is van de melk. Deze manier van werken heeft voor- en nadelen. Voordeel is dat er vrijheid en tijd kan worden gewonnen en automatisch informatie wordt verzameld. Nadeel is dat het veel geld kost die door uitbreiding van de veestapel moet worden terug verdiend en dat er minder direct contact is tussen de boer en de koe en zo signalen van verminderd welzijn kunnen worden gemist.
Van Rijthoven werd steeds wanhopiger toen een financieel debacle dreigde en zette zelfs een  energetisch adviseur in. Helaas, ook die kon geen rationele steun geven over waar de weerstand van de koeien tegen de melkrobot door werd veroorzaakt.



De film legt zoveel mogelijk alleen vast maar laat ook weg.
Een belangrijke vraag die onbeantwoord blijft is waarom de boer en de agrosector zich geen rekenschap geven van de keerzijde van de wens tot groei.
Al tientallen jaren worden melkveehouders gewaarschuwd voor de grens aan de draagkracht van de natuur, het milieu en het dierenwelzijn. Maar de verlokking van het grote geld, de status van grote en daarmee schijnbaar succesvol boer zijn, heeft zijn voor boeren onverwachte terugslag.
Boeren mogen dan wel verknocht zijn aan het boer zijn, zo zeer zelfs dat ze bij wijze van spreken "boerderij" of "koe zijn", ze zijn niet opgewassen tegen de nadelen van ongebreidelde groei. Ze raken steeds meer vervreemd van de natuur en van zichzelf.

De film verbindt deels boer en burger, maar ook hier kan de verbinding onverwachte en door de sector onbedoelde effecten hebben. Het leed van de individuele boer kan worden voorkomen door op het niveau van de sector duidelijke en consequente grenzen te stellen aan de manier van bedrijfsvoering. En dat is een taak waarin bank, burger, kiezer, overheid en politiek moeten samenwerken aan het verminderen van toekomstige problemen van de huidige geldbeluste manier van omgaan met natuur, milieu en dieren als bron van voedsel.

30 mei 2018

Welk beeld roept Yvon met Onze boerderij op?

Na de 2e wereldoorlog kreeg de Nederlandse boer van collega en minister Sicco Mansholt de opdracht mee om meer en goedkoper voedsel te produceren. “We gaan de wereld voeden” werd er geroepen en iedereen geloofde dat het mogelijk was, vooraleerst de boer zelf. Wat hij minder goed zag was dat hij gebruikt werd door de overheid, politiek en het bedrijfsleven als aandrager van grondstoffen. En die grondstoffen waren niet alleen plantaardig, hij mocht zijn dieren ook zo beschouwen. Het werd hem aan alle kanten gemakkelijk gemaakt: het bouwbedrijf bouwde zijn stal, de mechanisatie droeg machines aan om het werk te verlichten, veevoer werd geïmporteerd en de coöperaties zorgde voor verkoop aan het buitenland. Het grote groeien kon schijnbaar eindeloos doorgaan, immers de wereldbevolking groeide mee. Er werd jaren goed geboerd en menig boer kon met pensioen in de boerenhemel (een villawijk aan de rand van het dorp). Dat niet iedere boer mee wilde doen met een economie van  “meer, meer, meer”, gaf nou juist aan de meest ambitieuze boeren de ruimte die ze nodig hadden om te groeien. Kortom: de doorzetters leken te profiteren. De PR-machine, geholpen door de universiteit van Wageningen, bleef de verhalen aandragen dat ook het buitenland enthousiast was over de exportproducten die de wereld overgingen.
Ondertussen waren er in de vorige eeuw ook mensen die met lede ogen aanzagen dat er veel natuur verdween van het platteland. Gelukkig was er de politiek die via het poldermodel een compromis wist te sluiten: sommige delen van het land werden aangewezen als natuurgebied en op andere delen mochten boeren ongehinderd hun gang gaan. Gelukkig waren er ook boeren die op een natuurlijke manier wilde werken en die worden vaak geportretteerd en houden zo de zuiver zakelijk werkende boeren uit de wind.
De beheersing van de natuur in het gebied dat voor de boeren was, naderde perfectie, maar had ook een schaduwzijde. De nadruk op monoculturen en hoge productie leidde tot ziektes. Medicijn na medicijn werd ontwikkeld maar de disbalans tussen natuur die vanzelf haar weg volgt en gecultiveerde natuur die zo snel mogelijk tot financieel resultaat moest leiden werd steeds groter. Ook de landbouwgrond verarmde ondanks het mestoverschot.
Landbouw werd een steriele omgeving voor mens en dier en de vraag werd steeds nijpender of het grote publiek nog langer achter de ambities van de landbouwpolitiek blijft staan. De overgebleven boeren, die al jaren meedraaien in het groeiproces, zijn inmiddels volkomen afhankelijk van hun omgeving: de verwerkende industrie, de banken, de politiek, de media, de sympathie (lees het zwijgen) van hun buren.

De zorgvuldig aangewakkerde liefde voor de boer begon te tanen. De vraag kwam op of technologie wel alle problemen kan oplossen, die de ondertussen overwegend intensieve landbouw met zich mee heeft gebracht. En hebben natuurgebieden niet te veel te lijden onder het gebruik van bestrijdingsmiddelen en doorlekken en neerslaan van meststoffen uit naastgelegen landbouwgebieden? Kan het publiek vermaakt worden met de menselijke kant van het boeren, zodat de aandacht afgeleid wordt van de boven het hoofd groeiende problematiek als mestoverschot, dierenleed, milieuvervuiling en landschapspijn?

En net zoals zij zelf aankijken naar het financiële resultaat van hun werk, kijken anderen naar de boeren: wat kost die grootschaligheid ondertussen? Levert het wel op wat gezegd wordt? Worden er niet teveel kosten verborgen gehouden? Mansholt heeft zich inmiddels in zijn graf een aantal keren omgedraaid omdat de doorgeslagen grootschaligheid nu ook weer niet zijn bedoeling was. Ook het vertrouwen van het publiek na een aanhoudende reeks van voedsel- en dierenwelzijnsschandalen is nog steeds niet geborgd.
Het geheel van omgaan door boeren met de natuur ziet er technologisch en daarmee ietwat liefdeloos uit. De onnatuurlijke disbalans is niet goed voor hun imago.

Tijd voor een reddende engel: Yvon Jaspers. Yvon maakt door de agrosector (i.c. veevoederproducent For Farmers) goed betaalde emo-tv, waarin een kritische noot niet wordt geschuwd.
De vraag is echter of alle relevante vragen wel gesteld worden. Boeren zijn individuen uit een groep die de draagkracht van de natuur al veel te lang op proef hebben gesteld. Wat is de zin van het exploiteren van hun emoties wanneer zij terecht door de politiek worden teruggefloten?
De vraag die gesteld moet worden is of de individuele boer bereid is zijn of haar aandeel te zien in die manier van werken die cumulatief bij de sector schadelijk uitwerkt voor de belangen van de samenleving en de natuur. Is hij of zij bereid daarvoor de verantwoordelijkheid te nemen en de werkzaamheden zo aan te passen dat de schadelijkheid verdwijnt.
Zal Yvons vorm van aandacht van wat er achter de schermen in de boerderij gebeurt de sector redden of de teloorgang helpen vertragen? Of is zij een goed betaalde afleidster van een structureel van de natuur afgedwaalde sector?

5 april 2018

Kabinet negeert advies, betaalt de agrosector zelf?

Wanneer de Nederlandse veehouderij het advies niet laat opvolgen door het kabinet om de veestapel te laten krimpen, vergroot dat de kans dat er straks helemaal geen geld meer zal worden uitgetrokken voor een warme sanering van de sector. Veel veeboeren zullen failliet gaan en er zal geen plan B meer voor zijn: einde van hun bedrijf.

Misschien is dat helemaal niet zo’n slecht scenario, want wanneer de boeren zouden worden uitgekocht bestaat de kans dat zij het geld zullen investeren in een andere vorm van veehouderij. En daar hebben we er al veel te veel van in Nederland.
De boodschap en de trend is naar minder vlees eten van dierlijke oorsprong. De vleesverwerkende industrie mengt ondertussen steeds meer plantaardig materiaal door het vlees. Veel vleeseters zullen ongemerkt vaker vlees gaan eten op plantaardige basis. Zo wordt zonder dat veel mensen hun gedrag hoeven te veranderen toch een structurele fout in onze wijze van voedsel produceren hersteld.
De veehouderij is te veel gericht geweest op bulkproductie met het oog op de export. Er werd decennia uitgebreid ten koste van de broodwinning van hun eigen goedwillende collega's. Melkveehouders kunnen niet samenwerken om overproductie te voorkomen. Immers de melkprijs is een perverse prikkel: wanneer er te weinig wordt verdiend kan dit alleen worden opgevangen door nog meer te produceren, wat weer de prijs omlaag werkt.
Door het negeren van het advies van de Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur om minder vee te houden wordt nu de implosie van de agrosector niet afgewenteld op de belastingbetaler, maar betaalt de sector zelf door deels failliet te gaan.

28 februari 2018

De ontstoken motor pijnloos uitgemolken

Uit een studie van Wageningen Economic Research, gepubliceerd in Journal of Dairy Science, werd de volgende conclusie getrokken:
“Gebruik van een NSAID (meloxicam) naast antibiotica bij koeien met klinische mastitis in de eerste 120 dagen van de lactatie levert een economisch voordeel van € 42 per klinische mastitis per jaar.”
Wanneer een koe uierontsteking (mastitis) heeft dan komt er veel pus in de melk. Die hoeveelheid wordt uitgedrukt in een celgetal. Veel pus is een hoog celgetal. Wanneer een koe  een hoog celgetal heeft, wordt er vaak gewoon doorgemolken. De melk van deze koe wordt in de opslagtank gemengd met melk van de andere koeien.  Zolang het celgetal van de hele melkplas van een bedrijf onder de norm blijft is er officieel niets aan de hand. Voor een boer is melk, melk en of de koe daar last van heeft bij het melken interesseert hem niet zoveel: pijnstiller er in en Klaar is Kees!
Het wordt als lastiger wanneer een boer met antibiotica begint. Die melk moet apart worden gehouden en weggegooid. De detectiemethoden kunnen alleen grote concentraties antibiotica in de melk opsporen. Het laat zich raden wat er met de melk gebeurt wanneer de hoeveelheid antibiotica nog niet aantoonbaar is.
Klinische mastitis is aan de uier zichtbare mastitis: open wonden, dikke bulten waar ze niet horen.  De winst zit er in dat de boer bespaart op opfokkosten. Het opfokken van een kalf kost rond de 2000 euro. Dus hoe minder koeien je hoeft te vervangen, hoe minder geld het kost. Door de fosfaatreductie politiek houden de boeren minder koeien en jongvee aan. Dus is de boeren er veel aan gelegen om meer melk uit een koe te trekken en een koe zo lang mogelijk door te melken: minder jongvee betekent immers minder vervangingsmogelijkheden. De productiestijging per koe zorgt voor een grotere uierbelasting en dus grotere kans op ernstiger uierontstekingen die overigens uiterst pijnlijk zijn. De pijnstillers worden vooral gegeven om de koe rustig te houden tijdens het melken.

15 december 2017

Melkveehouders maken een discutabele afweging

De supermarkten willen meer duurzame melk verkopen en bieden boeren die voldoen aan bepaalde eisen een hogere prijs. Veel boeren vinden de drie cent extra per liter van Albert Heijn voor echt goede melk niet genoeg.
Maar er is nog een niet onbelangrijk puntje waarom weinig boeren zullen willen meedoen. AH eist ook grondgebondenheid. Hun norm is 2,5 grootvee-eenheid gekoppeld aan een maximum van 18.000 kilo melk per hectare. Wanneer je alle jongvee wegdoet, kan je met die eis maximaal 7200 kilo melk per koe halen (18.000 gedeeld door 2,5).
Als je binnen die 2,5 grootvee-eenheden (gve) ook nog jongvee aanhoudt, (1 kalf jonger dan een jaar is = 0,25 gve, 1 “stuks” jongvee ouder dan een jaar en niet gekalfd is 5 gve) gaat die melkproductie per hectare nog verder omlaag, want die kalveren gaan af van het totaal aan gve per hectare.
Dat past allemaal precies in de opzet van AH, want die willen betere melk die 80% gebaseerd is op gras en dan kom je op rond de 7000 kilo melk per koe per jaar.
Door de politiek opgelegde fosfaatreductie gedwongen melken de boeren nu gemiddeld tegen 9000 kilo melk per koe. De productie per koe moest omhoog om de vermindering van de veestapel te compenseren. Drie cent extra weegt volgens de meeste boeren niet op tegen 2000 kilo (liter) melk minder per koe.
Stel dat de melkprijs bij de eigen coöperatie 30 cent per liter is en 33 bij levering aan AH, dan is het inkomen per koe in het eerste geval 9000*30 cent is 2700 euro per koe per jaar en bij levering aan AH 7200 * 33 is 2376 euro per koe per jaar. Het verschil is 324 euro.
Dat ze ook aanzienlijk minder kosten (aan veevoer, mestafvoer en veterinair) hebben, en gezonder vee, en betere melk rekenen ze niet mee. De nadelen daarvan voelen ze niet zelf maar gaan ten koste van het welzijn van de koe, het milieu of wordt afgewenteld op de belastingbetaler.

Boeren zouden anders rekenen wanneer het principe dat de vervuiler betaalt echt zou worden omgezet in beleidsverandering en door handhaving. Nu rekenen de boeren op de wet van de grote aantallen (resulterend in een melkplas en volle koelhuizen), op de subsidies vanuit Europa (gegeven door liberale en christelijke politici), het sluiten van de ogen door controlerende instanties (bijvoorbeed de NVWA) en op de naïeve burger, die een achterhaald romantisch beeld koestert van het platteland.

3 augustus 2017

Een platteland met steeds minder dieren


Door de voortschrijdende schaalvergroting op het platteland, verdwijnt er steeds meer dierenleven buiten de stallen.

Caspar Janssen wandelt door Nederland en doet verslag van wat hij ziet in de Volkskrant. In Friesland valt hem op dat het landschap leeg is.

Dit is wat hij in aflevering 50 ziet op weg van Bolsward naar Makkum
“Raaigras links, raaigras rechts, dan een maisveld, een megastal hier en een megastal daar, een melkwagen van Campina, balen opgestapeld kuilgras, windmolens in de verte, dan weer een maisveld, en weer dat donkergroene raaigras. Geen koeien, en na een paar kilometer sta ik stil en hoor ik minutenlang helemaal niets, op een brommer na. Doodse stilte. Goed, het is het rustige seizoen, maar helemaal geen vogels? Geen bloemen, geen vlinders ook, nou ja, eentje dan, in de berm van de weg. Eerder zag ik nog een groepje spreeuwen, maar het duurt tot vlak voor Exmorra eer ik een weilandje zie met zowaar een paar kieviten.”
Hij vraagt zich af over geen tussenweg is.
Tot zover dit citaat.

De reden waarom in Nederland schaalvergroting in de veehouderij is, ligt in de export en de vrije markt. Nederlandse boeren hebben het recht om buitenlandse boeren te beconcurreren. Daar lijkt weinig mis mee, totdat je je een voorstelling gaat maken hoe wij onze prijzen zo laag weten te houden en wie of wat daarvan de dupe worden..
Met de nadelen van de schaalvergroting lijkt de veehouderij vooral af te steven op een voortijdig einde. Het beweegt zich op een doodlopende weg.
Met dit beeld wordt ook de vraag opgeroepen of er een terugkeer op de agrarische schreden denkbaar is of dat de veeboeren zich moeten neerleggen bij een uitstervend beroep. Wanneer de toekomst plantaardig is, lijkt dit uitsterven het eerst zichtbaar te worden in ons land.
Is dit een ramp? Vermoedelijk niet, wanneer de vrijgekomen ruimte weer wordt teruggegeven aan de natuur.

In aflevering 55 schrijft hij:

Iedereen ziet ook iets anders natuurlijk. De één ziet dat het landschap groen is, en dat er voedsel wordt verbouwd, dus dan zal het wel goed zijn, want er zijn toch milieuregels. De ander ziet dat het landschap is uitgekleed, zoals dat heet, een landschap vol mest, bruin met een vette laag groen eroverheen. Parallelle werelden, verschillende bubbels. Boerenorganisatie LTO Noord was vorige week oprecht verbaasd over de golf van verontwaardiging die uitbrak na haar oproep aan gemeenten op tijd de bermen te maaien. Geen idee dat veel mensen die wegbermen nu juist zien als laatste houvast voor wilde planten, vlinders en bijen op het platteland.

Bij Doniaburen loop ik de zeedijk op. Positief denken, focussen op de goede ontwikkelingen. Die zijn er ook. De provincie Friesland die van 'natuurinclusief boeren' een speerpunt heeft gemaakt, FrieslandCampina wil praten over een duurzamer toekomst, al die boeren die het wel degelijk anders willen en ook doen.
In mijn gedachten probeer ik het landschap weer aan te kleden. Ik word geholpen door het uitzicht op de Workumerwaard, buiten de zeedijk, beheerd door 't Fryske Gea. Ook hier was het ooit beter, maar toch: koeien op de dijk, kruidenrijk grasland. Ik denk de pinksterbloemen, de koekoeksbloemen en de grutto's van het voorjaar erbij en stel me voor dat een groot deel van het Friese boerenland er zo zou kunnen uitzien. Dan nog zou het meer dan voldoende zuivel kunnen produceren, mits je niet 60 procent wil exporteren.

Aflevering 60: In het mooie Hemelum wil een varkensfokker fiks uitbreiden, tot grote zorg van de bewoners.
"Veel dorpsbewoners zijn tegen de uitbreiding, vanwege de stankoverlast, vanwege het verkeer en omdat ze geen 'Klein Brabant' willen in Gaasterland. De boer redeneert op zijn beurt dat uitbreiding de geuroverlast juist zal verminderen, omdat hij nieuwe luchtwassers gaat plaatsen. 'Wat me zo spijt, zegt Angelique Matthijssen, 'is dat je elkaar niet meer verstaat. Boeren zeggen: wij zorgen voor eten en burgers zeggen: jullie zorgen voor overproductie en overbemesting. De verhoudingen zijn zoek, evenals de menselijke maat, de natuurlijke maat. Het is niet meer behapbaar. Zo'n klein dorp en dan zo'n industrieel boerenbedrijf, vlak bij school, vlak bij de peuterspeelzaal. Niet de behoefte is bepalend, of het landschap, of de gemeenschap, maar de productie, het bedrijfskundig perspectief. Boeren uit Brabant kopen hier grond omdat ze dan meer mest kwijt kunnen. Wie snapt dat nog?'"

6 februari 2017

Plofmelk


Dick Veerman in Foodlog:
In 2015 mocht ik een internationale bijeenkomst van dierenartsen over antibiotica modereren. Beesten die we genetisch optimaliseren om heel efficiënt één kunstje met hun lijf voor ons te doen, zijn een potentieel gevaar voor het milieu, hoorde ik daar. Hun darmgezondheid is niet optimaal en noopt tot het gebruik van middelen die we niet moeten willen gebruiken. Via hun poep zorgen ze voor een te hoog risico op anti-microbiële resistentie in het milieu. Terug daarom, zeiden de dierenartsen, naar oorspronkelijker dieren, oorspronkelijker voer en - omdat we toch wel erg veel beesten bij elkaar houden - mogelijk wat farmaceutica die hun immuunrespons extra aanzetten. Ik geef slechts door wat deskundigen zeggen, die belang bij de veehouderij hebben.

Weidemelk voorbij
Met dergelijke en andere aspecten naast fosfaat, hebben de boeren, bank, toeleveranciers en Van Dam nauwelijks tot geen rekening gehouden. Toch beweert Nederland - en de huidige staatssecretaris voorop - dat we ver vóór moeten lopen. We blijken eerder flink achter te lopen omdat de melk ons piepkleine landje al over de schoenen liep en we niet weten hoe we daar een verstandig business model van moeten maken.

Weidemelk moet het verschil maken, zegt de Nederlandse Zuivel Organisatie al jaren. De verder opgefokte koe waar Nederland sinds vrijdag voor heeft gekozen, maakt dat een verder punt van aandacht. Weet u hoeveel en hoeveel veel echtere weidemelk uit minstens zoveel echte koeien Ierland, Frankrijk en Duitsland met hun pas echt uitgestrekte weiden kunnen maken?

Rijke consumenten willen echte maar geen 'plofmelk' - dat woord gaat u binnenkort vast horen. Nederland koos vrijdag tegen zulke mensen. Dat is een beetje dom, want we maken de duurste melk ter wereld en gelden zelfs als het land van oude molens en de beste melk ter wereld. Dat imago, waar geld mee valt te verdienen, is sinds vrijdag dood verklaard. Nederland kiest voor intensivering van de koehouderij en streeft naar een maximale melkgift bij zo weinig mogelijk fosfaat. Daarmee kiest het voor een stap lager dan het premium-segment waarvoor de Nederlandse zuivelaars tot op heden produceerden.

Zie ook Weidemelk is pas echt boerenbedrog.

Klik hier om meer te lezen over de (fluctuaties in de) melkprijs of in de Internetversie bij de labels.

24 november 2016

Boeren verwijzen fosfaatakkoord naar prullenbak

Persbericht Milieudefensie Amsterdam, donderdag 24 november, 2016 – Slechts 30 procent van de boeren steunt het fosfaatakkoord tussen de melkveesector en staatssecretaris Martijn van Dam. Dit blijkt uit een peiling van Prosu Databased Marketing in opdracht van Milieudefensie en Netwerk GRONDig onder ruim 1600 melkveehouders. Volgende week stemt de Tweede Kamer over dit 'mestakkoord'. Milieudefensie roept de Kamer op de staatssecretaris terug te roepen en te luisteren naar de wens van de boeren.

De boeren willen ook dat het maximum aantal koeien dat een boer mag houden, wordt gekoppeld aan de grond die de melkveehouder heeft. Het gaat om een meerderheid van 65 procent van de ondervraagden. Deze grondgebondenheid zet een rem op de groei van de melkveehouderij, beperkt het mestoverschot en moet door Van Dam wettelijk worden verplicht vinden de ondervraagde boeren.

Alternatief voorstel
Nederland heeft dit jaar opnieuw meer mest geproduceerd dan is afgesproken met de Europese Commissie in Brussel. Een deel van de boeren werkt nu aan een alternatief fosfaatakkoord, dat wel rekening houdt met de wens van een meerderheid van de boeren. Belangrijk onderdeel uit dat alternatieve plan is dat staatssecretaris Van Dam grondgebondenheid vast legt in de wet en dat melkveehouders die niet hebben bijgedragen aan het mestprobleem geen koeien hoeven in te leveren. Het akkoord van Van Dam komt uit de koker van FrieslandCampina, de Rabobank en boerenorganisatie LTO Nederland.

Paniek
“Het is tijd om met echte oplossingen te komen, anders staat de sector over een jaar opnieuw in paniek bij de staatssecretaris op de stoep”, zegt Bart van Opzeeland van Milieudefensie. ”Van Dam zet de toekomst van de sector op het spel. Een melkveehouderij die past bij de omvang van Nederland, waar het aantal koeien gekoppeld wordt aan de beschikbare grond. Zo zal de hoeveelheid mest afnemen. En blijven we onder de limiet die de Europese Commissie Nederland heeft opgelegd. Dat is goed voor de boer, de consument, het milieu en de biodiversiteit.”

15 juni 2016

Melkveehouderij moet snel grondig worden verbouwd

Een groot deel van deze tekst is gepubliceerd op 15-06-16 in de Leeuwarder Courant.

In de reportage Melk, Kaas en Landschapspijn (LC 11 juni) beschrijft Jantien de Boer trefzeker de teloorgang van het Friese platteland. De oorzaak is te vinden bij de industriële manier waarop de melk wordt geproduceerd. Dat moest zo, is ons bijgebracht, want de wereldbevolking schreeuwt om onze melk. En dan mag er natuurlijk veel.
Tot vorig jaar waren de boeren door de productiebeperking gedwongen om met de hand op de rem te melken, maar nu mogen ze produceren wat ze willen. Die vrije melkproductie dreigt op een ramp uit te lopen voor de koeien, de natuur, het milieu en ook voor de boer.
Uit een onderzoek in opdracht van de Dutch Dairymen Board blijkt dat alle melk die sinds 1 april 2015 in Europa extra wordt gemolken niet kan worden verkocht en nu als melkpoeder, boter en kaas ligt opgeslagen in pakhuizen. Het gaat om een hoeveelheid die overeenkomt met 3 miljard kilo melk, oftewel een kwart van de totale Nederlandse productie. In afwachting van betere prijzen, maar die zullen zeker niet komen zolang de boeren hun productie blijven opvoeren. En dus gaan de pakhuizen nog verder open.
Produceren voor het pakhuis terwijl tegelijkertijd het laatste restje biodiversiteit uit deze provincie wordt geperst is natuurlijk schokkend. Maar de economische werkelijkheid van de Nederlandse melkveehouderij ziet er nog grimmiger uit. Het overgrote deel van de Nederlandse gangbare melk wordt verwerkt tot bulk: kaas, boter, melkpoeder. Met deze bulkproducten is geen droge boterham te verdienen. Uit de financiële jaarverslagen van Friesland Campina, waar zo ongeveer 90% van de Nederlandse melk wordt verwerkt, blijkt dat de divisie boter, kaas en melkpoeder sinds de vorming van deze coöperatieve multinational in 2007 alleen maar verlies heeft geleden. Jaarlijks gemiddeld ongeveer € 70 miljoen. Vorig jaar, na het loslaten van het melkquotum groeide het verlies van deze divisie, die rond de 70% van de melk verwerkt, tot € 101 miljoen.
De topman van Friesland Campina Roelof Joosten zei eerder dit jaar tegen het Financieel Dagblad: ‚De eerste vijf miljard liter melk zijn zeer winstgevend, aan de volgende twee miljard verdien je niets en op de laatste drie miljard verliezen we geld.’
Dat is een nogal merkwaardig verdienmodel. Bij een normale onderneming was de knoop allang doorgehakt: we stoppen met de bulk. Die beslissing is uit de weg gegaan, en het verliesgevende deel van de melk is alleen maar toegenomen. De perspectieven zijn somber. Topman Joosten over de extra melk die Nederland produceert: ‚Die wordt verwerkt tot de laagst renderende producten zoals spotmelk of foliekaas. Dat kan iedereen maken.‘
Friesland Campina moet wel op de ingeslagen weg doormodderen, want het is een coöperatie waar de toeleveranciers, de melkveehouders, tegelijk ook de eigenaar zijn. Die kijken of Friesland Campina een over het geheel genomen acceptabele melkprijs uitbetaalt. Verder krijgt een gemiddelde melkveehouderij jaarlijks 25.000 euro subsidie, en dat helpt ook al niet om een andere weg in te slaan.
Op zich staat het een onderneming natuurlijk vrij om verliezen van de ene divisie goed te maken met de winsten van een andere divisie. Maar het wordt een ander verhaal wanneer door deze strategie de biodiversiteit om zeep wordt geholpen en aan de natuur grote schade wordt toegebracht. Die is namelijk niet van de melkveehouders, maar van ons allemaal. En het wordt natuurlijk helemaal te dol wanneer we een sector die zo huis houdt in de natuur, jaarlijks ook nog eens ongeveer € 350 miljoen aan subsidies toestoppen. En als het tegenzit mag de belastingbetaler ook nog opdraaien voor steunprogramma’s aan de melkveehouderij die zichzelf in de problemen heeft geholpen.
Overheden - zowel lokaal, provinciaal als landelijk - hebben kennelijk geen idee wat er echt aan de hand is en geven de ene na de andere vergunning af voor nog meer uitbreidingen. En als er al beperkingen vanuit een oogpunt van milieu of dierenwelzijn opdoemen, worden die met soepele regelgevingen, vakkundig uit de weg geruimd. Immers, de wereldbevolking moet worden gevoed.
Een merkwaardig argument. Uit cijfers van Wereldvoedselorganisatie (FAO) blijkt dat de Nederlandse bijdrage aan de totale zuivelproductie in de wereld 1,6%, is. Verder is ruim 70% van de wereldbevolking lacto-intolerant. Dat wil zeggen ze worden ziek van melk die niet is bewerkt. En intussen melken de boeren voor het pakhuis. Hoezo de wereldbevolking voeden?
Wie de feiten op een rijtje zet komt maar tot één conclusie: er is een grondige verbouwing van de gangbare melkveehouderij nodig. Om te beginnen moet de productie met meer dan de helft omlaag. Dat zorgt er voor dat de prijs voor de boeren fors zal stijgen omdat de verliezen verdwijnen. De rest van de melk zou het liefst biologisch moeten worden geproduceerd, maar in ieder geval via bloem- en kruidenrijke weilanden. Het gevolg: betere kwaliteit melk, de weidevogels kunnen terugkeren en de ganzen die voor steeds meer schade zorgen, blijven vrijwel zeker weg.
De ligboxstal is een ramp voor de koe en het milieu. Ze zouden moeten worden omgebouwd tot stallen waar koeien als het slecht weer is vrij kunnen lopen en liggen. Voor de rest horen koeien zoveel mogelijk buiten, en dat is met kleinere kuddes geen enkel probleem. De stallen moeten ook zo worden verbouwd dat de urine en vaste uitwerpselen aan de bron worden gescheiden. Dat scheelt enorm in de CO2 uitstoot waar het klimaat aan kapot gaat.
Zo’n verbouwing hoeft allerminst het einde van de melkveehouderij te betekenen. De schaalvergroting van de afgelopen jaren zorgde er voor dat nu 70% van de melk wordt geproduceerd door minder dan 30% van de melkveehouders. Die schaalvergroting blijkt een vergissing en moet worden teruggedraaid. In combinatie met een andere manier van produceren, komen we al een heel eind op weg naar een duurzame, natuur- en diervriendelijke melkveehouderij waar door een behoorlijke groep ondernemers ook nog een goede boterham kan worden verdiend.
Die verbouwing is niet gratis en er zullen boeren moeten stoppen. Dat moet natuurlijk op een nette manier worden geregeld, en gefinancierd. De sector, de overheid en de banken zouden elk een derde van de kosten voor hun rekening kunnen nemen. Op die manier neemt elke speler in het proces dat volledig uit de hand is gelopen, haar verantwoordelijkheid.
Het zou voor een nieuw kabinet een noodzakelijk klus in een regeerakkoord moeten zijn. Want als er niets gebeurt, dreigt de gangbare melkveehouderij weg te zakken in haar eigen onverkoopbare bulkproducten.

Marien Abrahamse
oud-redacteur
Het Financieele Dagblad


Klik hier om meer te lezen over het (afschaffen van het) melkquotum.

9 juni 2016

We verkopen de ziel van ons land

Filosoof
"is het met Nederland zo slecht gesteld dat we ook ons landschap moeten plunderen om te overleven? Slechts 2 procent van de Nederlanders leeft in de agrarische sector en die sector vormt ook slechts enkele procenten van het bruto nationaal product. Boeren worden wel met allerlei subsidies geholpen en twee derde van de agrarische producten wordt uitgevoerd. 'Wij' moeten zo nodig Chinese baby's voorzien van melkpoeder, Amerika voorzien van goedkope melk, voldoen aan de 'groeiende vraag van Oost-Europa en Azië'.

Maar moeten we echt onze ziel verkopen? Bijna de helft van Nederland bestaat uit weiland: dat is dus de ziel van Nederland. De ziel van ons land bestond uit weilanden met bloemen, grutto's, leeuweriken, koeien, knotwilgen, sloten... Maar omdat we ook daaraan geld willen verdienen, verkopen 'we' onze ziel. We? De gemiddelde Nederlander heeft daarover weinig te zeggen. Het is natuurlijk weer de agrarische sector die de doorslag geeft. Zelfs het kopen van biologische producten helpt maar weinig, omdat onze agrarische productie immers voor twee derde bestemd is voor de export."

Tot zover Pouwel Slurink. Verder lezen? Klik hier voor meer artikelen over kanttekeningen bij export van dierlijke producten en hier voor meer blogs over de overschatte bijdrage van de landbouwsector aan de economie.

Slurink is auteur van een boek over de mens als zin zoekende aap. Een citaat uit een boekbespreking:

De evolutie heeft ervoor gezorgd dat de mens een zekere mate van vrijheid ervaart. De mens heeft een zelfgevoel, dat in dienst staat van zelfbehoud en streeft naar status, de mens is in staat om te improviseren al naar gelang de situatie dat verlangt. Er is dus een mate van vrijheid: wij mensen zijn vrij om uit onze natuur te kiezen, maar niet om onze natuur te kiezen (172). Of anders gezegd:
Onze vrijheid lijkt dus deels een aanpassing te zijn die ons in staat stelt in verschillende omstandigheden adaptief te reageren. Enerzijds zijn we vrij, omdat we reële keuzen tussen scenario’s hebben, anderzijds tolereert de natuur geen totale vrijheid – ze leidt ons in onze keuzen door de overlevingswaarde van onze keuzen voelbaar te maken. Zoals de evolutieleer ons doet verwachten, zijn we vooral vrij als dit ons in staat stelt onze genen in een veelheid van milieus te gehoorzamen – we zijn slechts ‘een beetje’ vrij als het er bijvoorbeeld om gaat onze idealen te volgen. Als je een beetje te idealistisch bent loop je meestal al snel aan tegen het pragmatisme van je partner, baas of collega’s – of tegen je eigen vermoeidheid. De speelruimte is in feite altijd beperkt. (176)
Is er dus vrije wil? Slurink zegt: “Ja, we zijn in staat ‘in ketenen te dansen’, maar tegelijkertijd blijft het ook een dansen in ketenen – ze doen pijn, ze zijn zwaar, ze beperken ook je mogelijkheden en houden je stevig op de grond” (176). We kunnen onze driften niet ontlopen, want die driften zorgen ervoor dat we tenminste blijven vrijen, want: “een vrije wil die nooit vrijen wil zou snel uitsterven” (176).


14 april 2016

Kost melkveehouderij meer dan het oplevert?

Fractievoorzitter Marianne Thieme pleit in de Tweede Kamer, tijdens het debat over de melkvee-industrie, voor een systeem waarbij aantallen dieren gekoppeld worden aan grond, met weidegang en gesloten kringlopen. Alleen dat biedt kansen voor de toekomst. De staatssecretaris moet ingrijpen. Omdat alle beloften van de sector om zelf de groei tegen te gaan op een drama voor boeren en voor koeien zijn uitgelopen.



Voorzitter.

De helft van alle Nederlandse melkveehouders heeft te kampen heeft met financiële problemen. Er is een overschot aan kalfjes waardoor er wekelijks 200 gezonde kalveren worden gedood. De mesthoop is zodanig groot dat we mede daardoor in 2027 nog geen 15% van de gestelde doelen voor schoner grond- en oppervlaktewater gaan halen. En het mestoverschot neemt toe. Elk weldenkend mens zag het aankomen, het kabinet sloot er de ogen voor bij het einde aan de melkquota, en nu is het zover. Er is een explosieve toename van het aantal koeien. Bedrijven houden inmiddels meer koeien dan dat ze ligplaatsen in de stal hebben, puur om straks meer fosfaatrechten te krijgen.

De overproductie door de massale uitbreiding leidt op dit moment tot dumpprijzen. Niet veroorzaakt door een natuurramp, geen toeval, maar veroorzaakt door kortzichtig beleid, ondersteund door partijen als de VVD en het CDA en door de Land- en Tuinbouw Organisatie die zeggen op te komen voor de belangen van boeren.

Dit is het debat dat we niet hadden hoeven voeren als er een deugdelijk wettelijk kader zou liggen om de groei in te perken. In de week voordat we het besluit grondgebondenheid behandelden, kregen we nog een waarschuwing van het CLM dat de wet geen kansen bood om te markt te beteugelen.

Voorzitter, de melkvee-industrie is een bedrijfstak die afhankelijk is van het subsidie-infuus. Per bedrijf betaalt de belastingbetaler meer dan 24000 euro per jaar aan inkomenssteun en subsidies. De toegevoegde waarde van de melkveehouderij in 2015 was zo’n 3 miljard euro. Volgens onderzoek van Quivertree uit 2016 liggen de externe kosten van milieuschade van de melkveehouderij op minimaal 2,3 miljard euro per jaar. En dat is hun meest conservatieve inschatting. Een meer realistische berekening brengt de kosten volgens deze onderzoekers zelfs op minstens 7,5 miljard euro per jaar. Minstens! Voorzitter, de toegevoegde waarde wordt dus ver overtroffen door de kosten waarvoor de samenleving jaarlijks moet opdraaien. En wat levert het op?

Melkveehouders die wanhopig naar de Paus afreizen om over hun misère te vertellen. Dierenleed, omdat er nog meer koeien nog meer melk moeten produceren. De gangbare melkveehouder heeft zijn hoop gevestigd op een zich herstellende economie en meer vrijhandel. Maar als de economie zich herstelt, stijgen ook de grondprijzen, de grondstofprijzen voor veevoer, brandstof en niet te vergeten de rente voor leningen bij de bank. De marges blijven klein. Ondanks dat de gangbare melk heel goedkoop is en het prijsverschil met biologisch groter is geworden, blijft de consumentenvraag naar biologisch groeien. Dat is een belangrijk signaal naar de gangbare veehouderij die desondanks steeds verder intensiveert.

De Hollandse koe gaat helaas dezelfde toekomst tegemoet als de legkip en het vleesvarken. Zembla toonde vorig jaar ‘uitgemergelde topsporters’, Koeien, die met krachtvoer op basis van geïmporteerde soja letterlijk worden uitgemolken en afgedankt zonder dat ze ooit een wei hebben gezien.

De staatssecretaris wil een duurzame melkveehouderij. Maar hoe is dat doorvertaald in het stelsel van fosfaatrechten? Gaat hij alsnog een integraal systeem invoeren waarin zowel stikstof en ammoniak als ook weidegang en dierenwelzijn integraal meegenomen zijn? Het fosfaatrechtensysteem benadeelt nu boeren die geen mestoverschot hebben zoals biologisch ten opzichte van de grote groeiers. Graag een reactie.

Voorzitter met minder dieren, minder mest, minder problemen. Alleen de introductie van een systematiek waarbij aantallen dieren gekoppeld worden aan grond, met weidegang, en gesloten kringlopen, biedt kansen voor de toekomst. De staatssecretaris moet ingrijpen. Omdat alle beloften van de sector om zelf de groei tegen te gaan op een drama voor boeren en voor koeien zijn uitgelopen. Graag een reactie.

Tot zover Thieme.

Zie ook "Belang landbouw voor economie door Agrolobby opgeklopt".

4 maart 2016

Milieudefensie ziet meer koeien in de wei niet gebeuren

Voorstel van Van Dam voor meer koeien in de wei is kansloos

Persbericht Milieudefensie Amsterdam, 3 maart 2016 – Staatssecretaris Martijn van Dam wil dat over vier jaar 80 procent van de koeien in Nederland in de wei staat, schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer. Maar dat is kansloos zolang hij dit niet verplicht. Het beleid van Van Dam jaagt de koe de stal in en dat is veel meer dan een verlies van een mooi 'Nederlands landschap' vindt Milieudefensie.

Daling
Dat vrijwillige weidegang niet werkt, blijkt uit de cijfers. De afgelopen drie jaar hebben de partijen van het convenant Weidegang, een afspraak tussen bedrijven, overheid en maatschappelijke organisaties, tevergeefs geprobeerd meer koeien in de wei te krijgen. Volgens van de zuivelsector is het aantal koeien dat volgens de norm 120 dagen per jaar zes uur in de wei staat in 2015 zelfs licht gedaald: van 70,1 naar 69,8 procent. Bovendien blijkt uit een nieuwe studie van onderzoeksinstituut Alterra dat de beschikbare boerengrond waar koeien op kunnen grazen afneemt. "Hieruit blijkt hoe onzinnig het plan van Van Dam is ", zegt campagneleider Jacomijn Pluimers van Milieudefensie.

Wei voor de koe
De brief van de staatssecretaris is een reactie op de initatiefnota Wei voor de Koe van SP, D66 en Groen Links. Deze politieke partijen willen van weidegang een voorwaarde maken voor uitbreiding van melkveehouderijen. Jacomijn Pluimers: "Dat voorstel draagt wél bij aan Martijn van Dams 'Nederlandse landschap met grazende koeien en karakteristieke boerderijen'."

Eerlijke prijzen
Milieudefensie wil ook dat alle boeren dezelfde prijs krijgen van het zuivelbedrijf ongeacht de grootte van hun bedrijf. Grote bedrijven ontvangen nu een hogere prijs van de zuivelbedrijven voor hun melk dan kleine bedrijven. Deze zogeheten kwantumtoeslag stimuleert schaalvergroting en moet worden afgeschaft.

29 januari 2016

Over Nederland hangt een ammoniakdeken

Rens Pierik, boerenzoon uit Lemelerveld schrijft naar de Volkskrant:
Als boerenzoon zie ik mijn vader dagelijks vol elan zwoegen en twee stukken, van Peter Middendorp ('Ooit, als ik dood ben, is dit poepland van mijn dochter', Vonk, 23 januari) en Caspar Janssen ('Boven het land hangt een ammoniakdeken', Opinie & Debat, 26 januari) doen mij dan ook pijn.
De eerste suggereert dat de mest rijkelijk over de landen vloeit, terwijl dit weldegelijk strikt gebonden is aan stikstof- en fosfaateisen. De oplossing van Janssen (grondgebonden, cyclische landbouw) om de ammoniakdeken te laten verdwijnen, is dan ook al bewaarheid. Mest dient op het eigen bedrijf of een ander akkerbouwbedrijf te worden gebruikt of moet worden verwerkt om te kunnen transporteren naar mestarme landen als Duitsland en Frankrijk.
Ik ben zeker niet blind voor het milieuverwoestende karakter van onze maatschappij en de rol van de melkveehouderij daarin. Maar wat is het alternatief? Het nog verder opkrikken van de milieueisen in combinatie met de almaar dalende subsidie zal leiden tot faillissementen hier en bloei in landen als Rusland, China en de VS, waar veel lagere dierenwelzijns- en milieueisen gelden. De controle op dierenwelzijn en milieu zal dus uit onze handen glippen. Kortom, een zich verplaatsende ammoniakdeken.
Tot zover Rens.

Dat Nederland voorop loopt met dierenwelzijn en milieu is een onbewezen bewering. De feiten bewijzen anders. De gezondheidstoestand van de Nederlandse melkveestapel is schokkend slecht: 70% pootproblemen, 25% uierontstekingen en achteruitlopende vruchtbaarheid. Met name door het mestoverschot dat door overproductie ontstaan is, hangt er een ammoniakdeken over ons land. Wanneer ons land zou stoppen met het gericht zijn op de export van vlees en zuivel en met de import van onverantwoorde zuivel en vlees uit het buitenland zou het significant bijdragen aan het verkleinen van dierenleed, de opwarming van de aarde en het niet meer laten voortduren van milieuproblemen in eigen en buitenland.

Wanneer deze omslag samengaat met een meer ecologisch verantwoorde veehouderij op kleinere schaal hoeft dat niet tot faillissementen te leiden.

Verbeter de wereld, begin met het verkleinen van de Hollandse veestapel in de intensieve veehouderij!

Overzicht

Inleiding

Op dit blog staan artikelen over de omstandigheden die van invloed zijn op het dierenwelzijn van dieren in de veehouderij en in het wild. Vi...

De actualiteit rond dierenwelzijn via Facebook

Doorlezen en verdieping?

Voor selectie van een artikel over een bepaald onderwerp, klik op het label hieronder, bijvoorbeeld "agrarisch (87)".
Voor verdieping en verwante artikelen van Stichting Animal Freedom, Wakker Dier, Compassion in World Farming, Comité Anti Stierenvechten, Varkens in Nood, De Landelijke Dierenbescherming en het Belgische GAIA en EVA kies een label met onderwerp dat u zoekt en dat ook het label "cse zoekresultaten dierenrechtensites" heeft.
Na lezing van het blog klik op de link onderaan in het artikel bij "Klik hier om meer te lezen over ....." om naar de zoekresultaten te gaan.

Labels / steekwoorden

aalscholvers (3) actie voeren (23) afleidingsmateriaal (4) afmaken (2) afschot (8) agrarisch (87) agressie (1) agrobusiness (11) agrolobby (7) agrosector (20) AID (1) akkerbouwers (2) akkerrand (8) ambivalentie (2) ammoniak (14) antibiotica (30) antropomorfiseren (3) apen (9) bacteriële infectie (11) bank (5) basisbehoefte (1) bedrijfsvoering (4) beheer (6) belanghebbende (2) belastingbetaler (9) belazeren (4) beleid (17) berengeur (1) bescherming (6) besmetting (11) besparing (1) betrokkenheid (4) bever (1) beverrat (3) bewustzijn (23) bezwaren (1) bijdrage (1) bijensterfte (7) bijvangst (4) bio-dynamisch (1) bio-industrie (55) biobrandstoffen (4) biodiversiteit (25) biologische boer (20) biomassa (4) biomassavergisting (4) biotechnologie (1) biotoop (3) blank vlees (1) blauwtong (1) Bleker (38) bloedarmoede (1) bloeddruk (1) bodem (4) boek (51) boeren (26) boerenlogica (4) bonsai kitten (1) bont (9) boombruggen (1) Brambell (1) broedgebied (1) broeikaseffect (4) broeikasgassen (9) broodfokkers (2) bruinvis (2) burger (2) carnisme (1) castratie (8) celgetal (4) circus (11) CITES (2) CIWF (10) Club van Rome (2) CO2 (17) Comfort Class-stal (3) communicatie (2) concentratiekamp (1) consumptie (30) controle (6) crisiswet (1) cse zoekresultaten dierenrechtensites (54) damherten (1) debat (12) demagogie (64) depositie (3) depressiviteit (1) derogatie (6) dierenarts (2) Dierenbescherming (25) dierenleed (110) dierenmishandeling (12) dierenpolitie (1) dierenrechten (66) dierentuinen (9) dierenwelzijn (110) dierenwelzijnscoalitie (2) dierproeven (11) dierrechten (8) diervriendelijk (13) dierziekten (12) ding (2) dioxine (2) Dirk Boon (2) discriminatie (3) documentaire (1) doden (19) dodingsmethoden (4) dolfijn (8) doodknuffelen (1) doping (1) Drenthe (1) drogredenen (43) duiventil (2) dumping (2) duurzaamheid (35) dwangvoedering (2) ecoduct (8) ecoduiker (1) ecologie (31) economie (54) edelhert (5) eendagskuikens (2) eenden (1) eenzaamheid (2) EHEC (10) EHS (28) eieren (14) eiwitconsumptie (5) ekoproducten (2) emancipatie (2) emissie (3) empathie (2) ESBL (4) ethiek (18) etikettering (8) etiquette (1) EU (25) evolutie (4) exoten (3) export (81) fairtrade (1) FAO (4) fauna (5) Faunafonds (1) faunapassage (5) fazant (4) fijnstof (12) filmpje (62) filosofie (11) flora (3) foie gras (4) fokkers (7) fosfaat (5) fourageergebied (2) fraude (4) Friesland (1) fruitariër (1) GAIA (3) gans (25) geboortekrik (1) gedrag (5) geiten (9) geld verdienen (15) gemalen (1) gentech (3) Gerstenfeld (2) geur (1) gevangenschap (8) gevoelens (14) gewasschade (4) geweten (9) gezelschapsdieren (2) gezond verstand (3) gezondheid (23) Gezondheids- en WelzijnsWet voor Dieren (6) gif (13) gigastal (2) Godwin (5) goudvis (1) graan (1) grasland (2) Greenpeace (2) grenzen (4) groeibevorderaars (3) groene energie (4) GroenLinks (7) grondgebonden (5) grondrechten (15) grondwet (3) H1N1 (1) H5N1 (5) H5N8 (2) haantjes (4) Halacha (1) halal (6) handhaving (5) hart- en vaatziekten (2) hazen (4) hengelsport (4) herkomst (1) hitte (1) HLS (1) hobby (1) Hofganzen (1) Holocaust (3) hond (12) honger (11) hoorzitting (1) horeca (1) houden van (2) Hubertuslegende (2) huisdieren (32) huishoudelijk geweld (1) humor (6) hypocrisie (5) idealen (4) imago (15) import (8) inbeslaggenomen (2) infectiedruk (2) inkomensschade (1) inkomenssteun (2) inkomsten (4) innovatie (1) insecten (9) inteelt (2) integriteit (3) intelligentie (7) intensieve veehouderij (47) internationaal transport (11) intrinsieke waarde (30) jacht (29) jagen (9) jagers (18) jongeren (1) joodse wetten (2) justitie (3) kaas (2) kadaver (2) kalkoen (2) kalveren (12) kanker (1) katten (8) kerstdiner (3) keukentafelgesprekken (1) keurmerk (8) kievit (5) kiloknaller (3) kinderboerderij (4) kinderen (6) kippen (31) kippenhouder (3) kippenkooien (3) kippenmest (2) klimaat (31) KNJV (2) KNMvD (1) koeien (19) koeienrusthuis (2) konijn (12) kooihuisvesting (5) koosjer (5) kosten (9) kostprijs (17) kraai (1) kunst (5) kwaliteit (6) kweekvis (1) kweekvlees (1) lacto-intolerant (1) land (5) landbouw (18) landschap (10) leeuw (1) legbatterij (3) letsel (1) levensstijl (2) liefde (6) Limburg (1) linoleenzuur (1) LNV (10) Loesje (2) LOG (1) looprichels (1) LTO (9) luchtvervuiling (2) luchtwasser (5) maaibeleid (2) malafide (1) markt (5) mastitis (4) McDonalds (2) mededogen (2) media (15) meerwaarde (2) megastallen (43) melkprijs (20) melkquotum (16) melkveehouders (53) mensapen (4) mest (22) mestnormen (3) mestoverschot (27) mestverbranding (1) mestvergisting (8) migratie (3) milieu (29) Milieudefensie (16) MKZ (1) mondiale voetafdruk (6) moraal (9) MRSA (13) muizen (4) muskusrat (7) mythen (2) natuur (39) natuurbescherming (11) natuurbrug (5) natuurgebieden (20) natuurlijk evenwicht (13) neonicotinoïden (3) nertsen (18) Noord Brabant (1) NVWA (4) offerfeest (7) olieslachtoffers (1) olifant (6) omega-3-vetzuren (2) onderzoek (30) ontbossing (4) onteren (1) onverdoofd (11) onverschilligheid (2) onwetendheid (3) oor aan naaien (2) Oostvaardersplassen (18) open stellen (3) opheffen (1) ophokken (3) oproep (2) opvang (4) orka (5) otter (1) Ouwehand (4) overbemesting (6) overlast (25) overproductie (14) paarden (7) paling (5) pandemie (1) paradox (1) PETA (4) Peter Singer (5) plantaardige voeding (21) platteland (8) plezierjacht (29) plofkip (11) pluimvee (3) politie (3) politiek (76) populatie (9) positieflijst (2) postduiven (3) preventie (3) prijs (8) prisoner's dilemma (2) productiebos (1) productiviteit (2) proefdieren (7) Proefdiervrij (3) prooidieren (2) protest (13) provinciaal (4) Provinciaal OntwikkelingsPlan (1) provincie (3) puppies (1) PvdD (131) PVV (4) Q-koorts (19) Raad Van State (1) raaigras (3) Rabobank (8) ramp (2) ratten (2) recept (1) Rechten Voor Al Wat Leeft (3) reclame (14) recreatiegebied (5) ree (2) Rekenkamer (1) rekenmodel (1) rendement (3) rentmeesterschap (2) resistent (6) respect (24) ritueel (19) roofvogels (11) ruimen (10) ruimtebeslag (3) saneren (3) schaalvergroting (15) schadevergoeding (12) schapen (4) scharreleieren (3) Schmallenbergvirus (1) seks met dieren (2) sexen (1) shechita (1) slachten (44) slachterij (7) slavernij (3) slow food (2) soja (9) SOVON (1) speciësisme (8) speculatie (1) speelketting (1) spelen (1) spiritualiteit (4) staartknippen (1) stadsboeren (1) stal (3) stierenvechten (6) stikstof (3) stropers (3) subsidie (28) supermarkt (25) symptoombestrijding (1) taal (4) Thieme (27) tijgers (2) toekomst (9) Tom Regan (5) tonijn (1) TV (1) uitspoeling (5) uitstoot (7) uitvalspercentage (4) utilisme (1) vaccineren (2) valorisatie (2) vangstquota (1) varkens (59) varkensflat (3) varkensgriep (3) varkenshouder (8) vee-industrie (27) veehandelaren (3) veemarkt (1) veestapel (33) veevervoer (2) veevoeder (16) veganisme (17) vegetariër (9) vegetarisme (27) verantwoordelijkheid (11) verboden (12) Verburg (19) verdoven (7) vergassen (3) vergiftiging (5) vergoeding (5) vergunning (6) verjagen (3) verkiezingen (20) verloting (1) versnipperen (3) verveling (9) vervuiling (9) verwaarlozing (4) verzorging (3) vestiging (1) virus (8) vis (12) Vissenbescherming (3) visserij (19) vitamine B-12 (2) vleermuizen (1) vlees (86) vleeskuikens (15) vleesvervangers (14) vlieg (1) vlinders (3) voeding (52) Voedingscentrum (2) voedingsvenster (1) voedingswaarde (3) voedseloverschotten (4) voedselprijs (10) voedselveiligheid (5) voedselzekerheid (13) Vogelbescherming (12) vogelgriep (16) vos (20) vrijheid (81) vuurwerk (3) VWA (2) Wakker Dier (32) walvis (8) wandelaar (3) WAP (2) waterkrachtcentrales (1) waterkwaliteit (3) waterschap (3) wederkerigheid (2) weidegang (32) weidevogels (19) Wereld Natuur Fonds (1) wereldmarkt (8) werkgelegenheid (1) wild (17) wildbeheereenheden (1) wildroosters (1) wildsignalering (2) wildviaduct (1) wildwissel (2) winstmarge (4) wol (1) wolf (4) WSPA (6) zeehond (3) zeereservaat (1) zeldzame dieren (3) zichtstal (4) ziektedruk (7) zoelen (1) zoönose (5) zorgboerderij (1) zorgplicht (3) zuivel (11) zwanendriften (1) zware metalen (1) zwerfdieren (3) zwijnen (5)

Zoeken op dit weblog, Animal Freedom, Wakker Dier, CIWF

Zoeken op dit weblog, Animal Freedom, Wakker Dier, CIWF

Steun Stichting Animal Freedom

Koop boeken via bol.com of Youbedo of doe een donatie en steun zo ons werk.

Blogarchief