Posts weergeven met het label intensieve veehouderij. Alle posts weergeven
Posts weergeven met het label intensieve veehouderij. Alle posts weergeven

8 november 2019

De varkenscyclus en de publieke opinie

Varkenscyclus is het verschijnsel in de economie dat overschotten en tekorten van een bepaald product elkaar afwisselen, doordat aanbieders massaal reageren op de hoogte van de prijzen, maar tegen de tijd dat deze reactie doorwerkt op het aanbod, is de prijs alweer omgeslagen.
Zoals hieronder in het verloop van het inkomen van een varkenshouder is te zien, kan er erg veel worden verdiend en kunnen verliezen behoorlijk oplopen.

https://www.volkskrant.nl/kijkverder/v/2019/houdt-nederland-nog-wel-van-zijn-varkensboer/


Het houden van varkens kost niet altijd veel tijd. Veel is geautomatiseerd en sommige varkenshouders hebben er een baan bij om inkomsten te hebben in onzekere tijden. Een varkensbaron zet een Poolse arbeider aan het vuile werk en zoekt met de vrijgekomen tijd in binnen- en buitenland naar nog meer uitbreidingsmogelijkheden.
Zodra een vleesvarken is volgroeid kan deze naar de slacht en de varkenshouder moet beslissen om weer de stal te vullen of nog even te wachten. Het lijkt op gokken in het casino: zet ik nu in of laat ik de stal nog even leeg? De varkenshouder lijkt op een gokverslaafde, die zijn geweten onderdrukt.

Frank Kalshoven, directeur van de Argumentenfabriek schrijft in de Volkskrant:
Wie investeert er nu miljoenen euro’s in stallen, rechten, mestverwerking, afzuiginstallaties et cetera, om daar vervolgens zeven dagen in de week druk mee te zijn, voor een beloning die lager ligt dan een modaal salaris? Een beloning die dat ook nog eens als een malle fluctueert in de tijd, om redenen waar je als ondernemer helemaal niets aan kan doen. De varkensprijs, die het jaarresultaat bepaalt, komt tot stand op een wereldmarkt waarop je als individuele boer nul invloed hebt.
Joris Driepinter

Een vergelijkbaar fenomeen als de varkenscyclus treedt op bij de publieke opinie in reactie op elke melding van dierenleed in de veehouderij, maar dan gespiegeld. De agrosector weet dat en heeft er al decennia geleden voor gezorgd dat er in de hoofden van het publiek ingehamerd wordt dat de agrosector onmisbaar is. Van tijd wordt de aandacht voor dierenleed gevangen door dierenactivisten. De sympathie voor de underdog staat in het onderbewustzijn gebeiteld en de underdog is afwisselend het leed van het dier in de veehouderij of zijn eigenaar. Helaas is er weinig oog en compassie voor het gebrek aan natuurlijke omstandigheden in de afgesloten stallen. En dat leed duurt het grootste deel van het korte leven van een dier in de veehouderij. Iedereen is tegen dierenleed en tegen de tijd dat de consument de relatie heeft gelegd tussen het leed en het eigen koopgedrag is de aandacht alweer verschoven naar de stress van alledag. De consument is verslaafd aan haar/zijn koopgewoonten en wil niet gokken of het leven er zonder vlees beter van wordt. De prijs om de moeite te doen het eigen geweten te volgen is (te) hoog.

Citaat uit de Volkskrant:
"Vraag een doorsneeconsument in een willekeurige supermarkt waar hij of zij op let bij het kopen van varkensvlees en je krijgt antwoorden als: ‘Dat er niet te veel vet aan zit.’ ‘Dat het er fris uitziet.’ En belangrijk: ‘Het moet niet te duur zijn.’
Het belang van dierenwelzijn wordt pas genoemd als daar expliciet naar wordt gevraagd."

De consument kiest op de korte termijn op basis van wat hij/zij ziet. Het in de stallen op- en verborgen dierenleed kan de consument niet inschatten. Wat is dierenwelzijn? Geen pijn lijden? Of zitten er meer aspecten aan? Het zal de consument worst zijn.

Zal er dan nooit een einde komen aan de bio-industrie? Vermoedelijk wel, doordat de markt van de vleesvervangers het tij kan keren. Het is de andere kant van de onverschilligheid van de consument: wanneer het vlees niet meer van een dier afkomstig is en het smaakt bijna hetzelfde en het heeft nog veel meer voordelen, waarom niet?

Omdenken, maar dan anders
Eigenlijk interesseert het de burger in de stad weinig wat er echt gebeurt in de veehouderij op het platteland en in de natuur. Kleurschakeringen die hij ervaart, rijdend over de snelweg langs de groene woestijn dat vroeger weide was, verwart hij met natuurbeleving. Het gebrek aan interesse zorgt ervoor dat hij/zij afgaat op zijn primaire reactie: de boer moet wel gelijk hebben, waarom zou hij anders klagen?
Vrij naar Opland

Twijfelen aan wat er gezegd wordt door de boer doet de consument niet want hij meent er toch geen verstand van te hebben en het helpt dat de meeste protesten algemeen en indirect worden geformuleerd. "We hebben 25 jaar geleden onder druk van de overheid al zo veel gedaan om de ammoniakuitstoot te verminderen". De boer is standvastig in zijn weerstand en zelfs de (drog)redenatie “ik ben het er niet mee eens en daarom kunnen deze feiten niet kloppen” wordt door de burger braaf geslikt. Stemmenkanon Annie Schreijer-Pierik van het CDA appelleert, net als boer Koekoek vroeger, aan een soort underdog-gevoel bij een deel van de Nederlandse kiezer. Het praten met een regionaal accent en dialect suggereert authenticiteit. Wie kritisch nadenkt, prikt het zo door.

In een serie van vijf verhalen onderzoekt de Volkskrant Nederland varkensland.

Citaat vanuit het perspectief van de varkenshouder:

Stiphout (49), met 365 zeugen en 3.000 vleesvarkens de gemiddelde ­Nederlandse varkenshouder, lacht om die industriële interpretatie van zijn werk. ‘Ik verzorg ze ’s ochtends en ’s avonds, geef ze te eten, speeltjes en ik heb ze in hun leven zeker twee keer in mijn handen gehad’, zegt de varkensboer, die ook bestuurslid is van de Producenten Organisatie Varkenshouderij (POV). ‘Ik zie dat niet als een industrie.’

Vleesvarkens met speelketting als enige afleiding
Vleesvarkens met speelketting als enige afleiding

Citaat vanuit het perspectief van de consument:
Bij het zien van de nauwe kooien waarin zijn zeugen hun pasgeboren biggen voeden of de raamloze hokken waar vleesvarkens iets meer dan een vierkante meter hebben, zullen veel getuigen tot een andere conclusie komen. Zij schrikken als zij zien hoe varkens in hun ogen als productie-eenheden worden behandeld. Terwijl de boer oprecht in de overtuiging leeft dat hij er naar eer en geweten alles aan doet om de voedselveiligheid op een nette manier te waarborgen. Stiphout: ‘Je doet het goed, dat mogen mensen ook best eens tegen de boer zeggen.’

Citaat uit aflevering 2:
Biologische varkensboer Overesch is sceptisch over het varkensgeluk in de gangbare veehouderij. ‘De vraag is niet of het kan, maar of we het moeten willen’, zegt hij. ‘We moeten eens af van die wedloop naar steeds meer, steeds groter, steeds efficiënter, steeds goedkoper. Nederland hoeft de wereld niet te voeden. Ik geloof in kleinschalige kringlooplandbouw, waarbij de varkens met hun mest in dienst staan van de akkerbouw, net als vijftig jaar geleden. Waarom zouden wij als klein land varkensvlees aan China moeten leveren en daarvoor ook nog eens veevoer uit Zuid-Amerika halen?’

Meer lezen? Volg de Volkskrant of lees de opzettelijke spraakverwarring tussen boer, burger en ambtenaren.

Voor wie direct een oplossing zoekt voor zichzelf en een knagend geweten: Welke toekomstvaste beslissing kun je nu al nemen?

17 mei 2019

Gelijk hebben en krijgen in de strijd om dierenbelangen

In onze maatschappij staan belangengroepen op verschillende platforms tegenover elkaar op het onderwerp “hoe om te gaan met dieren”. Het gesprek dat plaatsvindt heet een twistgesprek, debat, discussie, gesprek of een dialoog.
Voor belanghebbenden in de media zal het worst zijn welke vorm wordt gekozen zolang het kijkcijfers oplevert ook al verzandt het in een kakofonie. De belangengroepen gaan daarin mee. Ook negatieve aandacht is aandacht.
Met waarheidsvinding heeft het alles niets te maken. Er is zelfs sprake van opzettelijke spraakverwarring. Eigenlijk zijn er alleen maar verliezers, maar de mensen pikken er de kersen uit die hen het meest bevallen, de dieren blijven achter, gehuisvest in de gevangenis, die stallen heten.

Er zijn in de veehouderij zoveel niveaus waarop er sprake kan zijn van misstanden dat bijna niemand bereid is te zoeken naar het overzicht waar de bron van de misstanden ontspringt. Ieder mens en dier hecht aan zijn vrijheid. Dat is een recht dat ook het welzijn bepaalt. Voor een veehouder, die economisch wil overleven, is het van belang om vrijheid te hebben in de levensomstandigheden waaronder hij dieren houdt. Zijn er te veel eisen waaraan de huisvesting moet voldoen, dan kan zijn veehouderij niet uit. Alleen wanneer hij failliet gaat zal hij andere vormen van inkomsten verwerven overwegen.
Een veganistische activist gaat het liefst uit van de situatie waarin helemaal geen dieren meer gebruikt worden door mensen. Maar die stip op de horizon ligt zover weg dat het voor tegenstanders veel gemakkelijke is om te wijzen op het onrecht dat hen wordt aangedaan vlak voor zijn voeten. Er wordt huisvredebreuk gedaan, er moet een fatsoenlijk gesprek worden gevoerd, er moet keuzevrijheid zijn om te kiezen waarmee je je voedt, een boer moet ook geld verdienen om zijn gezin te onderhouden, etc..

Iedere belangengroep krijgt gelijk binnen de eigen bubbel en krijgt het nooit van de tegenstander wanneer standpunten diametraal tegenover elkaar staan.

Het argument "nood breekt wet" of "aan een onrechtvaardige wet mag je overtreden" kan slechts zeer spaarzaam worden ingezet en werkt snel tegen je.

Wat is de moraal van dit artikel? Wanneer het dier gebruikt wordt in een kapitalistisch systeem kun je vechten tegen het systeem of je pleit ervoor dat de regels rechtvaardig en voor iedereen gelijk worden toegepast. Dat betekent geen verkapte subsidies aan veehouders die niet volgens de regels willen werken of kunnen overleven. Een controlerend orgaan (de NVWA) die alle veehouders zo regelmatig en standvastig controleert dat niemand meer de wet overtreedt. Het vraagt ook actievoerders die het geduld kunnen opbrengen om het trage tempo van bewustwording te accepteren en er rekening mee te houden dat de weg naar een oplossing een andere afslag neemt. Bijvoorbeeld dat vleeseters in plaats van zich te bekeren tot het veganisme vlees gaan eten dat niet 100% gemaakt is van dieren, maar stapje voor stapje meer gemengd wordt met plantaardige ingrediënten.

Eerst eens zijn over de feiten

17 mei 2018

Wilde insecten zijn economisch niet indrukwekkend

Het bericht van Natuurmonumenten en andere milieuorganisaties dat het aantal insecten snel daalt wordt gepresenteerd als dat ons een wereldwijde ramp boven het hoofd hangt. Daarbij wordt de intensieve landbouw aangemerkt als voornaamste oorzaak.
Sommige agrariërs reageren als door een wesp gestoken. Ze vinden dat zij al jaren hun best doen om in hun bedrijfsvoering in toenemende mate rekening te houden met de natuur.
Hoe dan?
Akkerbouwers planten zaden met ingebouwde insecten dodende stoffen. Geen insecten op hun land betekent geen vraat en andere schade. Het levert mooie, ongeschonden producten op. Fruittelers betalen imkers voor het plaatsen van bijenkasten voor een paar weken in het voorjaar en hebben verder liever geen insecten op hun land. Kassenhouders kopen speciaal gekweekte insecten als roofmijten en Lieveheersbeestjes om ongewenste insecten als mijten en luizen in toom te houden. Veehouders hebben speciale lampen om ziekte verspreidende insecten te doden door elektrocutie.
Voor wie zijn eigenlijk wilde insecten eigenlijk wel belangrijk?

Op de site van biodiversiteit.nl valt te lezen:

De honingbij hoort in Nederland thuis, maar is in het wild zo goed als uitgestorven. Als de bestuiving van cultuurgewassen door insecten volledig weg zou vallen, vermindert de voedselproductie wereldwijd met naar schatting tien procent. Voor Nederland wordt de waarde van deze niet-geproduceerde oogst geschat op ca. 1 miljard euro. Door in het landschap een geschikte leefomgeving voor bestuivende insecten aan te bieden, hebben zij niet alleen voldoende gevarieerd voedsel en leefruimte, maar levert het ecosysteem ook een aantrekkelijk landschap voor recreanten.
De opbrengst van bestuivingsdiensten van imkers aan fruit- en groentetelers bedraagt ca. 10 miljoen euro.
Tot zover het citaat.

Economisch bekeken is het belang van wilde insecten domweg niet indrukwekkend.

Sommige wilde insecten zijn aantrekkelijk voor de recreant. Maar diezelfde recreant vindt het helemaal niet zo erg dat zijn voorruit op weg naar een natuurgebied minder vol raakt met geplette vliegers of dat hij minder geprikt wordt tijdens een natuurwandeling of in zijn slaapkamer thuis of op de camping. Fietsers hebben niet graag vliegjes en muggen in hun oog.
Minder insecten in de vrije natuur betekent ook minder dieren zien die van insecten leven, zoals vogels en vleermuizen. Vlinders zijn ook insecten. Kijken naar vlinders is voor iedereen leuk. Dat vlinders eitjes leggen waaruit vraatzuchtige rupsen komen is minder leuk, al zijn sommige rupsen zo koddig dat ook die leuk zijn om naar te kijken. Maar er zijn ook huid irriterende eikenprocessierupsen en rupsen die hele fruitbomen kaal vreten.
We zijn selectief in het houden van insecten en dat is logisch.

Waarom dan toch rekening houden met het belang van wilde insecten?
Insecten zijn indicatoren van de kwaliteit van een ecologische balans. Wanneer het aantal insecten daalt in de vrije natuur zijn er oorzaken die ook op andere terreinen een bedreiging van de kwaliteit van leven vormen. Het gebruik van insecticiden, monoculturen en overbemesting door de intensieve landbouw hebben niet alleen gevolgen voor het aantal insecten, het verlaagt de kwaliteit van ons bestaan op allerlei terreinen. Egaal groen op het land is als overdadig gifgroen in de kunst.

Boeren zijn best bereid te praten over een andere, meer ecologisch verantwoorde manier van werken, maar komen niet zelf tot een oplossing voor de overproductie. Ze zitten in een economische dwangbuis, gericht op ontwikkeling naar meer bulkproductie.
Boeren alleen meer betalen voor hun producten werkt niet motiverend om anders te gaan werken. Het effect is dan dat ze sneller rijk worden en dat de ecologische balans nog sneller verstoord raakt.

Wat wel werkt is ingrijpen in de agrarische bedrijfsvoering met een tweesnijdend mes: minder productie en meer economische bescherming voor ecologisch verantwoord werken. Elke boer richt een deel van zijn land in voor natuur en houdt niet meer vee dan kan worden gevoed met op eigen grond verbouwd voedsel. Een deel van hun tijd wordt door de overheid betaald voor het onderhoud van natuur op hun terrein. Dit idee is niet nieuw en wordt al door een deel van de sector uitgevoerd. Maar het deel dat het niet doet zorgt voor disbalans. Net als wilde insecten zijn zij voor onze economie van gering belang. Dit deel saneren brengt een beweging op gaan naar hogere levenskwaliteit.

De agrarische sector kan niet langer het speelveld zijn van een vrijemarkteconomie. Dat zal boeren van nature niet bevallen, maar ook kopzorgen wegnemen en hun imago versterken. En de Nederlandse politici hoeven niet meer drogredenen aan te voeren over de handhaving van de schadelijke exportpositie van de landbouw.

Op grond van de mededingingswet mogen aan boeren die werken op een manier die meer biodiversiteit oplevert, die weidevogels beschermt etc. geen structureel hogere melkprijzen worden gegeven. Wanneer er voor deze voedselproducenten een uitzondering kan worden gemaakt is het niet meer zo lastig om via wat subsidie en afspraken boeren te bewegen om meer verantwoord te werken.

22 oktober 2017

Hoe de agrobusiness de hinder omlaag rekent

In de Volkskrant van 20 oktober een artikel over hoe Schiphol de geluidshinder die zij veroorzaakt ondanks de groei telkens weer omlaag weet te rekenen.
De agrobusiness, dat wil zeggen de intensieve veehouders en hun belangvertegenwoordigers halen soortgelijke trucs uit.
De overlast c.q. uitstoot die veehouders veroorzaken met de mest dat hun vee produceert wordt niet daadwerkelijk gemeten maar berekend via modellen. De mest van koeien in stallen wordt verzameld in een gierkelder “afgesloten” met een rooster. Door dat rooster ontsnappen gassen die de stal verlaten via de open zijwanden en door mechanische ventilatie van de stal. Die (broeikas)gassen gaan rechtstreeks naar buiten en dragen bij aan stankoverlast, ammoniakdepositie in de natuur en opwarming van het klimaat. Wat de omvang daarvan is wordt berekend via computermodellen.
Op basis van die modellen wordt het beleid gebaseerd over welke aantallen nog net acceptabel zijn.
Schiphol doet wilde claims als dat vliegtuigen steeds stiller en schoner worden. De intensieve veehouderij maakt ook veel tam tam bij randverschijnselen als sterren voor de mate van dier(on)vriendelijk huisvesten. De bulk van het vee wordt gehouden voor de export voor een markt van consumenten die geen flauw idee hebben van de omstandigheden waaronder de dieren hier worden gehouden en die het ook weinig kan schelen.

Laten we vooral ons verstand blijven gebruiken en ons voortdurend afvragen of het verdienen van geld wel zo kritiekloos en grenzeloos mag blijven doorgaan.

19 oktober 2017

Is dit wel een voordeel voor een vleeseter?

De Nederlandse consument en burger is niet enthousiast over de intensieve veehouderij in Nederland. Men heeft compassie met het saaie leven van de landbouwhuisdieren in de afgesloten stallen en het wrede lot in de slachterij.

Om te kunnen snappen waarom hij of zij niet zo snel en krachtig in verzet komt helpt het om te beseffen dat er ook voordelen zijn aan wat een ander als nadelig ziet.
1.    De prijs van vlees en zuivel is laag. Door de omvang van de productie gericht op export naar het buitenland en de import uit het buitenland is de prijs van vlees en zuivel lager dan wanneer de Nederlandse veehouderij zich zou beperken tot de Nederlandse markt.
2.    Er zijn minder insecten. Door het intensieve landgebruik voor veevoer en akkerproducten is er relatief weinig leefruimte voor insecten. Neonicotinoïden decimeren de hoeveelheid insecten. Daar heeft een burger voordeel van doordat er veel minder insecten te pletter slaan op de voorruit van de auto, in je ogen vliegen tijdens het fietsen of de slaapkamer in de zomer minder muggen komen en je dus minder geprikt wordt.

Wie gevoelig is voor deze “opbrengsten” van de intensieve veehouderij zou zich erin kunnen verdiepen dat de lagere prijs uiteindelijk toch door hemzelf wordt betaald via de maatregelen die overheid neemt om de intensieve veehouderij te ondersteunen.
Wie niet treurt om de teruggang in het aantal insecten zou zich eens kunnen verdiepen in de ecologische rol van insecten in de bestuiving van gewassen. Zonder bestuivers (insecten als bijen bijvoorbeeld) kan er heel veel minder voedsel worden geteeld en komt onze voedselvoorziening in gevaar.
Door producten af te nemen van de intensieve veehouderij werk je mee aan het afnemen (lees stelen) van leefruimte van dieren.
Het is niet moeilijk om even stil te staan bij de gedachte dat iedereen kan bijdragen aan een ecologisch meer verantwoorde inrichting van de economie en platteland, die uiteindelijk ook de menselijke gezondheid ten goede komt.

Zie ook deze teksten over heling.

14 juni 2017

Sanering van de veehouderij zal problemen oplossen

Eric van der Aa pleit in twee artikelen op foodlog voor inkrimping van de Nederlandse veehouderij met 75%:

Een sanering met 75% van de Nederlandse veehouderij zal het overgrote deel van de daaraan gerelateerde problemen op het gebied van natuur, lucht, water, bodem, volksgezondheid etc. doen verdwijnen. We produceren dan nog steeds ruim voldoende vlees, zuivel en eieren voor de Nederlandse bevolking. Tegelijkertijd boeken we jaarlijks besparingen van vele miljarden euro’s zoals hiervoor beschreven, die de huidige economische waarde van de Nederlandse veehouderij minimaal evenaren. Als we bovendien het Nederlandse voedingspatroon in een meer vegetarische richting kunnen bijsturen zijn de besparingen zelfs aanzienlijk groter dan de economische waarde van het hele veehouderijcomplex. Een forse sanering van de Nederlandse veehouderij maakt ons land derhalve schoner, mooier, gezonder, veiliger en welvarender.

Uiteraard is dit een politieke krachttoer van jewelste, vooral vanwege het geheel ontbrekende agrarische draagvlak voor een dergelijk beleid. Desondanks zullen we er toch aan moeten geloven en bovengenoemde (wellicht wat kille) economische argumenten kunnen de doorslag geven bij de keuze voor deze onvermijdelijke koerswijziging. Volgende generaties zullen ons dankbaar zijn.

8 februari 2017

Plan B uitgewerkt voor gezonde veehouderij

Marianne Thieme wordt in het kader van de verkiezingen in de Volkskrant geïnterviewd over Plan B.

'We willen mensen overtuigen van de noodzaak van een plan B, omdat er geen planeet B is. Dat is allereerst een ander economisch systeem. Nu moeten mensen alleen maar harder werken, langer doorwerken en moet er meer geproduceerd en geconsumeerd worden om iedereen welvaart te verschaffen. Dat kan niet op een planeet die niet meegroeit en een beperkte hoeveelheid grondstoffen heeft.
'Daarom willen wij de belasting op arbeid - iets dat we wél in overvloed hebben - afschaffen of sterk verminderen. Tegelijkertijd gaan we dat wat schaars is - met name grondstoffen - juist belasten. Dan krijg je een economie die veel meer draait op mensen, op duurzame grondstoffen, waardoor we ook een volhoudbare economie gaan krijgen.
Tot zover Thieme.

In het interview wordt het niet met name genoemd, maar bij de grondstoffen kun je denken aan het zwaarder belasten van veevoer dat uit het buitenland (regenwoud) wordt gehaald, aan het schoonmaken van grondwater en oppervlaktewater, aan het vruchtbaar houden van landbouwgrond, aan het in stand houden van biodiversiteit. De lijst zou zo lang moeten zijn dat de Nederlandse agrosector eieren voor zijn geld kiest en weer duurzaam gaat produceren, gericht op de lokale markt met oog voor dierenwelzijn en natuur.

21 oktober 2016

Slechts vijf procent minder slecht leven

Pim Pauwels meldt in de Volkskrant:
“Het Beter Leven-keurmerk bestaat sinds 2007 en staat op de verpakkingen van vlees, kip en eieren. Het certificaat werkt met een driesterrensysteem. Hoe meer sterren op een product staan, des te diervriendelijker het beest in kwestie is behandeld. Bij één ster waren de dieren verlost van het ergste leed uit de bio-industrie, bij twee sterren hadden ze wat meer levensruimte en afleiding en vrije uitloop naar buiten, en drie sterren staat volgens de Dierenbescherming gelijk aan biologisch.”
Tot zover de Volkskrant.

Een goed leven bestaat niet in de intensieve veehouderij, wel kan het dierenleven minder slecht.

Maar ja, dat klinkt niet positief genoeg.

Less bad is no good. Beter is totaal stoppen met dieren te gebruiken voor voedsel.

1 oktober 2016

Protest tegen generieke maatregel tegen omvang veehouderij

Heeft staatssecretaris van Dam de gekkekoeienziekte gekregen?! Om het te veel aan fosfaat, dat schadelijk is voor natuur en milieu, in Nederland terug te dringen heeft Van Dam een wet opgesteld om de melkveehouderij te laten krimpen. Krimp vinden wij een goede zaak, maar dan wel alleen voor de intensieve bedrijven. Als het aan Van Dam ligt zijn straks ook biologische melkveehouders en grondgebonden boerenbedrijven de dupe. Zij draaien straks op voor een probleem dat zij niet eens hebben veroorzaakt. Dat is onrechtvaardig en milieu-onvriendelijk. Dit mag niet gebeuren!

Boer zoekt jou op 6 oktober
Op donderdag 6 oktober wordt de wet besproken door Kamerleden. Boeren, burgers & milieu-organisaties trekken die dag samen op om hun stem te laten horen in Den Haag! Een unieke gebeurtenis! Ben je erbij? Kom ook! Samen maken we het verschil.

Tijdens de demonstratie op het Plein, georganiseerd door de boerenorganisatie Netwerk Grondig, overhandigen we een manifest aan Kamerleden.

Praktische informatie
Wanneer: 6 oktober van 13 tot 14 uur
Waar: Plein in Den Haag
Aanmelden: team.voedsel@milieudefensie.nl

19 januari 2016

Organisaties roepen op tot stop op intensivering melkveehouderij

Brede coalitie wil stop op intensivering melkveehouderij

Persbericht Milieudefensie, Amsterdam, 19 januari 2016 - Een brede groep organisaties luidt de noodklok over de intensivering en groei van de melkveehouderij. Ze roepen staatssecretaris van Economische Zaken, Martijn van Dam op te kiezen voor een grondgebonden melkveehouderij en dit vast te leggen in een nieuwe wet.

De ongebreidelde groei van de melkveehouderij leidt tot ernstige problemen voor natuur en milieu. Er staan steeds minder koeien in de wei, en de biodiversiteit op het platteland neemt af. De grutto, bij uitstek een Hollandse weidevogel, wordt ernstig bedreigd. Uit de nieuwste cijfers van het CBS blijkt dat het fosfaatplafond van 172,9 miljoen kilo ruimschoots is overschreden, de mest klotst al over de dijken, zonder ingrijpen gaat uitbreiding en intensivering onverminderd door.

Staatssecretaris Martijn van Dam moet volgens de groene organisaties nu kiezen voor grondgebondenheid in de melkveehouderij en zo een rem zetten op de groei van de afgelopen jaren. Het aantal koeien wordt dan gekoppeld aan de hoeveelheid beschikbare grond. Zo kan de boer zijn mest op zijn eigen land kwijt. Boeren die nu al grondgebonden zijn hoeven niet te krimpen vindt de coalitie van milieu- en natuurorganisaties.

Een grondgebonden veehouderij lost het mestprobleem op, geeft de natuur meer ruimte en schept voor burgers en boeren een gezonde leefomgeving.

De veestapel is vooral gegroeid doordat vorig jaar het melkquotum is losgelaten. Er kwamen alleen al in 2015 50.000 melkkoeien en 38.000 stuks jongvee bij, de mestproductie is daarmee sterk gestegen.

De coalitie bestaat uit:

Wereld Natuur Fonds

Natuurmonumenten

Vogelbescherming Nederland

Landschappen NL

De Natuur en Milieufederaties

Milieudefensie

8 januari 2016

Hypocriete oproep Bleker over kalveren

Op Nieuwsgrazer het volgende bericht:
Henk Bleker, voorzitter van Vee & Logistiek Nederland, waarschuwt melkveehouders voor hun houding ten opzichte van jonge kalveren.
Dat schrijft hij in het maandelijks magazine van de organisatie. Volgens hem worden jonge kalveren vaker als nutteloos bijproduct bestempeld. Deze houding van melkveehouders kan vernietigend zijn voor het imago van de hele Nederlandse melkveehouderij.
Bleker verwijst daarbij naar de situatie in Australië waar jonge kalveren worden afgevoerd naar de slachterij. Het leidt volgens hem tot grote verontwaardiging en imagoschade.
De groei van de melkveebedrijven is volgens hem debet aan deze houding. De voorzitter pleit voor een goede zorg van het kalf en het voorkomen van slachten van jonge gezonde kalveren.
Tot zover Nieuwsgrazer.

Kalveren van melkkoeien worden verwekt en geboren om de melkgift van de moederkoe op te wekken. Nadat een kalf is geboren heeft de melkveehouder drie bestemmingen voor het dier:
1. Op te groeien als vervanger van haar moeder tot melkproducent
2. Op te groeien als mestkalf om geslacht te worden wanneer het is uitgegroeid
3. Direct naar de slacht te worden afgevoerd

Kalveren die voor de slacht worden aangeboden zijn per definitie jonge gezonde kalveren. Overigens geldt het hetzelfde voor hun moeders. Ook die worden op relatief jonge leeftijd naar de slacht afgevoerd wanneer hun melkgift begint af te nemen.
Het leven van een mestkalf in een groep binnen in een stal met geen toegang tot een weide is een leven met weinig sjeu, hoe goed een boer ook zorgt voor eten, drinken en warmte.
Qua dierenwelzijn maakt het weinig uit of een kalf direct wordt geslacht of eerst nog een aantal maanden leeft in verveling terwijl het gemest wordt.
De verwijzing van Bleker naar Australië is mede hypocriet omdat Nederland massaal pas geboren kalveren importeert uit het buitenland om gemest te worden. De omstandigheden tijdens het langdurige vervoer leveren regelmatig problemen op.

Niet alleen de groei van de melkveebedrijven is debet aan de verontwaardiging bij het publiek, het is ook het onnatuurlijke leven van productiedieren in de intensieve (melk)veehouderij.

18 december 2015

Nederland vergroot ruimte voor uitstoot broeikasgassen

Een paar dagen na het optimisme over het sluiten van een klimaatakkoord in Parijs kiest Sharon Dijksma voor een koers die lijnrecht ingaat tegen de maatregelen die zouden helpen om klimaatopwarming tegen te gaan. Het verklaart waarom verschillende (agro)politici zich dat weekend gehaast hebben om te verklaren dat de (het milieubeleid in de) Nederlandse veehouderij een voorbeeld is voor andere landen. Quod non!

Van de site van Nieuweoogst.nu

Staatssecretaris Sharon Dijksma (Milieu) en haar Europese collega's zijn woensdag in Brussel overeengekomen dat er geen nieuw plafond moet komen voor methaanuitstoot.
Ook zijn ze het eens geworden dat limieten voor ammoniak moeten worden versoepeld. Met dit mandaat zal Dijksma in de eerste helft van 2016 onderhandelen met het Europees Parlement over de uiteindelijke uitstootgrenzen.

8 maart 2015

De intrinsieke waarde en het kwade geweten

Bas Heine schrijft in de NRC over het verzet van de studenten tegen het doorgeschoten „rendementsdenken” onder de titel "kwaad geweten".

Hij vraagt zich af: "Als het markt- en rendementsdenken zo voorbijgaat aan waar het werkelijk over zou moeten gaan, hoe heeft het dan zo overheersend kunnen worden?"

Hieronder een stukje uit zijn column waarin hij schrijft over intrinsieke waarde. Met de term "intrinsieke waarde" hebben ook veel dierenbeschermers aandacht gevraagd voor de positie van dieren in de bio-industrie.

Dit heeft niet gewerkt en zal ook nooit werken. Om de reden begrijpelijk te maken het volgende gedachte-experiment.

Lees onderstaande tekst van Heine, maar houdt dan in het achterhoofd dat het niet over schilderijen gaat maar over varkens, kippen en koeien uit de vaderlandse vee-industrie.

Ik herinner me een debat in Paradiso waarin de toenmalige Amsterdamse wethouder Geert Dales triomfantelijk verkondigde dat wanneer je geld voor de kunsten wilde krijgen, je in geen geval over de intrinsieke waarde van cultuur moest beginnen – dan kon je het wel schudden. Dat gold toen als verfrissende nuchterheid. Inmiddels is deze VVD-bestuurder allang ten onder gegaan aan zijn eigen rendementsdenken. Maar zijn manier van denken is gemeengoed geworden.

Kijkcijfers, oplagecijfers, bezoekersaantallen, clickbait – met de mond belijden we keurig dat die cijfers natuurlijk niet de essentie raken. Maar wat de essentie dan wel is, daar hebben we nauwelijks woorden meer voor. De taal van de cijfers is de enige overgebleven gemeenschappelijke taal.

In discussies met publiek over dit onderwerp leg ik wel eens de volgende vraag voor: stel u staat voor een schilderij – geen beroemd doek, maar wel van een beroemd kunstenaar, laten we zeggen een niet zo bekende Picasso. Wanneer we willen praten over de waarde van dat doek, waar heeft u het dan het liefst over? Over de artistieke waarde, wat het met u doet, wat u erin ziet, wat ermee wordt uitgedrukt over mens, geest, wereld? Of heeft u het liever over marktwaarde, wat het zou opbrengen op de veiling van Sotheby’s? Artistieke waarde of marktwaarde?

Het antwoord laat zich raden. Iedereen wil het over de intrinsieke waarde van het schilderij hebben. Dat we intussen in een maatschappij leven waarin altijd en overal het tweede antwoord wordt gegeven, dat verklaart ons kwade geweten.


Tot zover Bas Heine. Zijn dieren in de bio-industrie uniek? Waarvan ergens veel van is, verliest voor de mens waarde. Heeft het zin om aandacht voor hun positie te vragen met een begrip dat per definitie niet aansluit bij de beleving van mensen over het lot van dieren?

Wilt u meer lezen over hoe het denken over de "intrinsieke waarde van dieren" tot stand kwam? Klik dan hier.

30 november 2014

Focus: Vlees, wat kost het ons eigenlijk?

Zondagavond 30 november werd de Britse documentaire 'The Truth About Meat' uitgezonden, waarin presentator Michael Mosley laat zien hoe bedreigend de almaar toenemende vleesconsumptie is voor onze aarde - maar ook wat we eraan kunnen doen.

Er zijn manieren waarop de productie van vlees minder milieubelastend kan. De gemakkelijkste manier is om minder vlees te eten.
Wie argumenten zoekt om vlees te blijven eten en tegelijk iemand van repliek te willen dienen die vindt -dat vlees eten het milieu te veel belast-, vindt deze argumenten in de documentaire. Maar weet dan dat de milieubelasting bij een lage vleesconsumptie wereldwijd niet meer relevant is.

We kunnen constateren dat we te maken hebben met tegengestelde krachten die moeilijk zijn te besturen. Enerzijds hebben mensen de vrijheid om vlees te eten, anderzijds worden de ecosystemen op aarde bedreigd wanneer iedereen dat in grote mate gaat doen. We weten dat boeren vlees en zuivel produceren in grote hoeveelheden omdat zij daaraan veel geld kunnen verdienen. We houden de politiek aan dat iedereen vrij is in de wens om zoveel mogelijk geld te verdienen. Wanneer we merken dat dit andere levensvormen schaadt laten we het aan de markt over om dit te reguleren. Heeft iemand iets tegen grootschalig geld verdienen aan voedselproductie dan zorgt hij maar dat er een beweging op gang komt die een tegenmacht kan vormen. Die tegenmacht zet net als de voedselindustrie alles op alles om mensen bewust te maken van hun koopgedrag.

Dit krachtenspel wordt gevoerd in de media en iedereen kan die informatie tot zich nemen die bijdraagt aan bestendiging van zijn overtuigingen. Het gevolg is dat enerzijds standpunten verharden en anderzijds dat degenen die wel openstaan voor verandering "food for thought" vinden. Betrokkenheid bij de dieren in de bio-industrie drukt de een uit in "zorgen voor natje en droogje" en de ander in "vrijheid om zich natuurlijk te gedragen". Wanneer er bijvoorbeeld een vogelgriep uitbreekt, dan ontstaat er plotseling een conflict tussen de verschillende niveaus van betrokkenheid. Het moeten doden van grote hoeveelheid vogels is erg voor de boer in kwestie. Op een ander niveau is het slechts een reddingspoging van een doodzieke sector. En "doodziek" is hier een benaming die bij de een instemming vindt en bij de ander weerstand.

Wie vindt dat hij helemaal niet wil bijdragen aan dierenleed en niet wil wachten tot mondiale ontwikkelingen (op het gebied van bewustzijn) zo ver zijn dat er minder schade wordt gedaan aan de leefomgeving van mens en dier kan beter gewoon stoppen met vlees eten en zich verdiepen hoe lekker en gezond eten ook zonder dierlijke producten kan.

4 oktober 2014

Hoe de agrosector kritiek voor zich laat werken

De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR), het belangrijkste adviesorgaan van de regering, presenteerde 2 dagen voor Dierendag een rapport waarin zij stelt dat er een voedselbeleid moet komen in plaats van het aloude landbouwbeleid. Dat beleid is nog altijd gericht op het vergroten van de productiviteit en van de export.

Het advies van WRR dat consumenten minder vlees en zuivel moeten eten verrast LTO niet. "Dit is een trend die we al langer zien en die we niet kunnen veranderen. Boeren produceren voor de consument en de consument kiest was hij eet. Deze trend zou gunstig kunnen zijn voor de plantaardige sectoren", aldus een woordvoerder van LTO. Het feit dat de overheid nu mogelijk gaat adviseren minder vlees en zuivel te consumeren vindt LTO niet alarmerend. "Een dergelijk beleid geldt ook voor alcohol. Maar het is uiteindelijk de consument die kiest wat hij of zij eet of drinkt."
LTO noemt het rapport van de WRR een waardevol rapport dat een heldere analyse van de huidige voedselketen geeft. "Wat ons betreft zijn de belangrijkste conclusies in het rapport dat het mededingingsbeleid van de overheid niet stimuleert om het beter te gaan doen en dat de verduurzaming van de voedselketen een verantwoordelijkheid is van alle schakels in de keten", reageert Maat.
LTO zegt dat de Nederlandse landbouw al goed op weg is met de aanbevelingen die de WRR doet om meer oog te hebben voor de ecologische houdbaarheid van voedsel, de volksgezondheidsaspecten en de robuustheid van voedselvoorziening.

Tot zover De Boerderij.


Door de suggestie te wekken dat de sector allang bezig is met diervriendelijk en duurzaam produceren probeert de LTO de voor de hand liggende aanpak af te wenden, namelijk het stoppen met de overproductie (70%) in de vee-industrie. Die aanpak is redelijk succesvol,, maar kost de belastbetaler meer dan hij zich realiseert. Een deel van de kostprijs van de Nederlandse veehouderij is laag, omdat kosten worden afgewenteld op de samenleving. Dit levert bovendien risico's op voor de volksgezondheid.
Zie ook Het belang van de landbouw voor de Nederlandse economie door de Agrolobby opgeklopt.

Wilt u meer lezen over de manier waarop de agrosector haar dieronvriendelijke business probeert goed te praten en haar bijdrage aan de economie op te blazen? Klik dan hier; zie ook De landbouwmythe en haar sprookjes en De burger laat zich door de boer een oor aannaaien.

Aanbevelingen van de WRR
- Landbouwbeleid moet veranderen in voedselbeleid
- Eet en produceer minder zuivel en vlees
- Voedselproductie moet duurzamer
- Een onafhankelijke instantie moet het voedselbeleid evalueren
- Vrijhandel mag niet verhinderen dat er eisen worden gesteld aan ecologische kanten van voedsel
- Zet een rem op ongezond (zout, vet, gesuikerd) voedsel
- Laat industrie en horeca jaarlijks rapporteren over zout, vet en suiker
- Vervang het woud aan keurmerken door twee stoplichten: een voor duurzaamheid, een voor gezondheid
- Mededingingsrecht mag afspraken over verduurzaming niet in de weg lopen
- Grondstoffen moeten zo veel mogelijk worden teruggewonnen, vooral de meststof fosfaat
- Kweken van insecten kan het afvalprobleem verminderen

4 juni 2014

Dé financier van bio-industrie heeft nergens spijt van

De Rabobank heeft zich de afgelopen vijf jaar laten meeslepen in een collectieve gekte. Daardoor heeft de bank grote fouten gemaakt in de agrarische sector. Deze uitspraak komt niet van een verdwaalde milieuactivist of bestrijder van de bio-industrie, maar van Mister Rabobank himself: Herman Wijffels.

In het blad Boerderij Magazine van 3 juni komt dé financier van de Nederlandse bio-industrie uitgebreid aan het woord over de rol van de bank in agrarisch Nederland. De bankier in ruste, thans hoogleraar 'duurzaamheid en maatschappelijke verandering ' zegt in het interview de ontwikkelingen bij de bank met grote zorg te hebben gevolgd.

'We hebben na 2000 in dit land geleden aan een collectieve gekte door steeds meer op de pof te leven. De banken hebben te hoge kredieten verstrekt, ook in de agrarische sector. In de glastuinbouw zijn financieringen verstrekt op basis van de waardevermeerdering, die kwam door de bestemmingswijziging van agrarische gronden naar gronden voor glastuinbouw. Een aantal van die bedrijven staat daardoor nu onder water. En een aantal van de heel grote melkveebedrijven met zeshonderd koeien of meer is in problemen gekomen,' aldus Wijffels.

Terecht wordt Wijffels de vraag gesteld hoe dan zit met de kredieten die werden verstrekt aan de intensieve veehouderij, toen hij de baas was bij de Rabobank. Volgens Wijffels was daar niks mis mee: 'Je kunt zeggen dat we nu boete moeten doen voor het verleden. Maar ik heb geen spijt van het financieren van de intensieve veehouderij, daar schaam ik me niet voor. Het was wat toen van ons gevraagd werd.'

Dat is interessant, want er werd in die dagen helemaal niets van de Rabobank gevraagd. Althans niet door de maatschappij. Sterker nog, al in 1972, begonnen mensen zich zorgen te maken over de ontwikkelingen in de kippen- en varkenshouderij en werd Lekker Dier, de voorloper van Wakker Dier opgericht.
Wijffels werd in 1986 hoogste baas van de Rabobank en zette de geldkraan naar de bio-industrie open. Deze vooroplopers van duurzaamheid en maatschappelijke verandering werden door de toenmalige bestuursvoorzitter van de Rabobank niet gezien.

Wijffels vindt dat het nu tijd wordt om het aantal dieren te verminderen: 'We houden in Nederland meer dan 130 miljoen dieren. Ik denk dat het eerder voor de hand ligt stappen terug te doen dan verder uit te breiden.' Die inkrimping van de veestapel zal langs natuurlijke weg gaan, aldus Wijffels in Boerderij Magazine. Vooral in de varkenshouderij: 'Er zijn nogal wat bedrijven die in de jaren tachtig van de vorige eeuw zijn gestart. Die gebouwen zijn op en voldoen niet meer aan de eisen van de tijd. Een deel van die bedrijven zal niet in staat zijn te investeren in nieuwe stallen en dat zal ook een afname van de varkensstapel betekenen.'

Niet dus, want deze bedrijven hebben dierenrechten. En dierenrechten blijven voorlopig gehandhaafd. En dus zijn ze geld waard. Grotere bedrijven die willen uitbreiden kopen die rechten op. Oudere boeren zonder opvolger verkopen die rechten maar wat graag, want de opbrengst vormt een aardig aanvulling op het pensioen. Van krimp is dus geen sprake. Sterker, het aantal dieren in de varkenshouderij en kippenhouderij zal de komende jaren juist toenemen.

De huidige staatssecretaris heeft besloten dat boeren die dachten dat de dierrechten zouden verdwijnen en uitbreidingsplannen hadden, deze gewoon mogen uitvoeren. Voorwaarde is wel dat deze boeren de extra mest die ze dan produceren in het buitenland moeten afzetten.

Schaterlachend zijn ze met deze voorwaarde akkoord gegaan. Varkenshouders zijn, zo is gebleken, meesters in het in rook laten opgaan van mest.

marien abrahamse

22 mei 2013

Rekenkamer hekelt duurzaamheid bio-industrie

De Algemene Rekenkamer heeft in vervolg op een onderzoek in 2008 de duurzaamheid onderzocht van de intensieve veehouderij in Nederland. Uit het rapport:
Ammoniak- en stikstofbeleid onvoldoende effectief

Het beleid dat de ammoniakuitstoot en daarmee de stikstofneerslag van de veehouderij moet verminderen, beschermt de biodiversiteit in Nederland onvoldoende. De invoering van de Programmatische Aanpak Stikstof PAS, die de ammoniakuitstoot verder moet verminderen, is vertraagd. Bovendien wil de staatssecretaris van Economische Zaken (EZ) de helft van de milieuwinst die met de PAS moet worden behaald, gebruiken om uitbreidingen in de veehouderij toe te staan.

Naleving dierenwelzijnsregels kan beter, geringe vooruitgang beleid
De staatssecretaris van EZ boekt geringe vooruitgang met het beleid voor dierenwelzijn. Het moment waarop veehouders moeten gaan voldoen aan nieuwe eisen kan jaren na het besluit liggen. Bovendien schuift het jaar waarin de eisen gaan gelden regelmatig op.
Uit controles van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) blijkt dat de naleving van dierenwelzijnsregels door de veehouderij beter kan. Vooral bij varkens en vleeskuikens worden de welzijnsregels onvoldoende nageleefd. In 2011 overtrad meer dan 50% van de vleeskuikenhouders en meer dan 30% van de varkenshouders dierenwelzijnsregels.
Tegelijkertijd moet de sector voor een belangrijk deel zelf toezicht gaan houden: NVWA en kabinet zetten meer in op de eigen verantwoordelijkheid van de sector. Een experiment hiermee bij bedrijven met legkippen heeft niet positief uitgepakt.

Tot zover de website van de Algemene Rekenkamer.

De PvdD reageert als volgt:

Uit het vandaag gepresenteerde rapport van de Algemene Rekenkamer blijkt dat in de intensieve veehouderij massaal dierenwelzijnswetten worden overtreden. Bovendien maakt het rapport pijnlijk duidelijk dat de bio-industrie in ons land een grote bedreiging vormt voor de natuur en de biodiversiteit. De Partij voor de Dieren wil hierover een debat met het kabinet, en dringt aan op een sterke krimp van de veestapel. Bovendien moet het toezicht op de naleving van de dierenwelzijnsregels per direct weer in overheidshanden komen.

19 februari 2013

Marianne Thieme presenteert haar idee voor Nederland

Wat is het grootste probleem van ons land en hoe lossen we dat op?
28 februari deed dat MARIANNE THIEME, fractieleider van de Partij voor de Dieren met een lezing in de Balie: 'Het is een primitieve gedachte dat we het leven van andere dieren zouden moeten nemen om zelf in leven te blijven.'

Wanneer ons consumptiepatroon wereldwijd zou worden overgenomen, hebben we vier aardbollen nodig. Zegt Daan van Doorn die de toekomst van de veehouderij onderzocht. En: 'Om de wereld te kunnen voeden zijn megastallen nodig, een verdere intensivering van de landbouw.' Dat betoog krijgt navolging bij vertegenwoordigers van Rabobank en Wageningen Universiteit, zoals Fresco en Dijkhuizen. Meer vlees, vis, melk, eieren om de wereld te voeden en daarom grotere stallen, grotere kotters, meer van hetzelfde. We bouwen megastallen in Oekraïne, we exporteren varkens naar China en we hebben de Chinese premier ervan overtuigd dat alle Chinese schoolkinderen een halve liter melk per dag zouden moeten drinken, ondanks het feit dat ze lactose-intolerant zijn.

Onze liefde voor groei, eigenlijk geld, maakt ons blind voor het feit dat we wonen op een krimpende planeet, met snel afnemende grond- en hulpstoffen. We hebben nog een beetje aardgas, we hebben nog een beetje drinkwater. Het Wereld Water Forum waarschuwt dat in 2017 70 procent van de wereldbevolking geen toegang meer heeft tot schoon drinkwater. 2017, dat is nog vier jaar te gaan! Visserijbiologen verwachten dat de oceanen nog in onze generatie zullen zijn leeggevist met desastreuze gevolgen voor klimaat, milieu en voedselvoorziening.

In 2025 wordt het omslagpunt verwacht waarop we de schade die wij aan de aarde toebrengen niet meer zullen kunnen herstellen.

Bij wijze van spreken dan, denken veel mensen. Zo'n vaart zal het toch niet echt lopen? De supermarkten puilen nog steeds uit, we hebben het goed! Bij voedselschandalen als de paardenvleesfraude spreken we daar vooralsnog geen schande van, maar roepen we: hoe zou dat smaken, paardenvlees?

De traditionele politieke partijen die de problemen waaronder onze planeet zucht hebben laten ontstaan, roepen dat er behoefte is aan vernieuwing. Niet omdat ze daar ideeën over hebben, maar als vlucht naar voren. Maar voor wie aan de rand van de afgrond staat, is dat wel het onverstandigste advies. Einstein zei al dat het niet voor de hand ligt problemen op te lossen vanuit dezelfde instelling als waarmee ze veroorzaakt zijn. Er is dringend behoefte aan nieuwe inzichten. Niet vanuit de oude politieke zuilen, maar vanuit een overstijgend belang dat zicht biedt op een duurzame toekomst.

Economische groei vormt niet de oplossing, maar het probleem. Het is de logica van een piramidespel om te stellen dat alleen groei ervoor kan zorgen dat we niet krimpen. Earth overshoot day, de dag waarop we de natuurlijke reproductiecapaciteit van de aarde overschrijden, viel in 1980 op 14 december. Op die dag waren de reproduceerbare grondstoffen voor dat jaar op. Inmiddels is EOD verschoven naar 22 augustus.

We weten dat de biodiversiteit ernstig gevaar loopt en dat 30 procent van de achteruitgang wordt veroorzaakt door de veehouderij. Zonder biodiversiteit geen landbouw en dus geen voedsel. Zonder natuur en biodiversiteit stopt de stroom grondstoffen voor ons dagelijks leven.

Econoom Pavan Sukhdev van Deutsche Bank berekende dat de kredietcrisis eenmalig 700 miljard kost, terwijl het kappen van het tropisch regenwoud leidt tot een jaarlijks terugkerende kostenpost tussen de 1.500 en 4.000 miljard. Het lijkt een somber verhaal, toch ben ik optimistisch. Het diepe dal waarin de traditionele politiek ons gebracht heeft, kan mensen tot het besef brengen dat er radicale maatregelen noodzakelijk zijn om het tij te keren.

We zien wat er niet werkt. We zijn het vieste jongetje van de Europese klas met 70 miljard kilo mest, 14 keer het lichaamsgewicht van elke Nederlander in poep. Voor de paar dubbeltjes die een kippenfokker verdient per dier is geen fatsoenlijke bedrijfsvoering mogelijk. Elke dag stoppen zeven agrariërs met hun bedrijf omdat ze de ratrace niet meer bij kunnen benen.

We moeten naar een veel kleinere veehouderij. In ons land lijden en sterven jaarlijks meer dan 500 miljoen dieren in de bio-industrie. Dat brengt ons geen voorspoed, maar rampspoed in de vorm van een kwijnende en verdwijnende natuur, dierziekten-crises, onveilig voedsel, gezondheidsproblemen en een afkalvende beschaving. Gandhi zei al dat de mate van beschaving van een land het best kan worden afgemeten aan hoe het met zijn dieren omgaat.

Alleen drastische vermindering van het aantal dieren is een oplossing. We kunnen in een kwetsbaar landje niet produceren voor 70 procent export, we moeten produceren voor de regio, hoog-kwalitatief en tegen fatsoenlijke prijzen. Het Landbouw Economisch Instituut heeft becijferd dat de Nederlandse landbouw prima biologisch zou kunnen en dat de meerprijs beperkt zou blijven, als we maar allemaal meedoen, niet als biologisch de dure voorkeur blijft van een kleine avant-garde. Dat kan bereikt worden door strikte doorvoering van het beginsel dat de vervuiler moet betalen.

Onderzoek van de VU leert dat voor elke kilo varkensvlees die verkocht wordt, 50 procent niet betaald wordt door de consument, maar door de samenleving. Vier sateetjes voor 28 cent of een hamburger van 15 cent is niets anders dan heling, het kan niet en het zou niet moeten mogen. Het is met vlees zoals met eurocenten: produceren kost meer dan het waard is.

De kosten van de bedrijfsvoering die afgewenteld worden op de samenleving, moeten direct in rekening worden gebracht aan de eindgebruiker. Vorige week stelde ook professor Richard Tol voor om CO2 per product te belasten. Geen emissiehandel, maar direct betalen: simpel, helder en effectief. Vervuilende producten worden duurder, schone producten goedkoper.

Veehouderij is wereldwijd verantwoordelijk voor meer uitstoot van broeikasgassen dan alle auto's, vliegtuigen, trucks, treinen en schepen samen. Zet dat de vervuiler betaald!

We kunnen heel goed leven met veel minder dieren. Het is een primitieve gedachte dat we het leven van andere dieren zouden moeten nemen om zelf in leven te blijven. Daarom moeten we af van de grootschalige consumptie van dierlijke producten en overstappen op een meer plantaardig dieet, liefst biologisch geproduceerd, zonder chemische bestrijdingsmiddelen, zonder genetische manipulatie en roofbouw.

Biologisch gehouden slachtdieren zullen geen soelaas kunnen bieden bij een gelijkblijvende vraag naar vlees of melk, louter op basis van het ruimtebeslag dat vrije uitloop met zich meebrengt. Minder én beter is het devies.

Een eeuw geleden waren er tientallen miljoenen trekpaarden in de VS, nu nog een handjevol. Landbouwmechanisatie heeft ertoe geleid dat er slimmere manieren zijn om het land te bewerken dan met een paard voor de ploeg. Zo moeten we ook de slachtdieren kunnen bevrijden uit de voedselketens. In een tijdperk met hoogtechnologische kennis is het onzin om nuttige plantaardige eiwitten eerst langs het maag-darmkanaal van een dier te leiden, waardoor maar 10 procent nuttige eiwitten resteert.

Het beëindigen van de bio-industrie is volgens sommigen schadelijk voor de economie. Een dooddoener die ook werd gebruikt als argument om slavernij en kinderarbeid niet af te schaffen en vrouwen niet toe te laten op de arbeidsmarkt. Dat is erg meegevallen. De agrarische sector schermt er graag mee dat ze een bijdrage van 10 procent aan het bbp levert, maar wie goed kijkt, ziet dat de primaire productie slechts 1,2 procent bedraagt; van de intensieve veehouderij, kippen en varkens is dat nog veel minder: 0,3 procent. De melkveesector ook 0,3 procent.

Op dit moment wordt 80 procent van het wereldlandbouwareaal gebruikt voor de veehouderij. Bijna de helft van de wereldgraanvoorraad wordt opgeslokt door koeien, kippen en varkens. Zouden we het bestaande landbouw-areaal benutten voor hoogwaardige plantaardige voeding voor mensen, dan zouden we minstens 30 miljard monden kunnen voeden.

De emotie dat vlees of melk nodig is voor onze gezondheid of lekkere trek is zo achterhaald dat ze nauwelijks bespreking behoeft. We kunnen het ons niet veroorloven 1 miljard mensen elke avond met honger naar bed te laten gaan, kinderen te laten sterven van de honger, met onze lekkere trek als enige legitimatie. Alsof je bij een buffet vier borden voor jezelf opschept vanuit de mentaliteit dat mensen achterin de rij (de Derde Wereld) letterlijk kunnen doodvallen. Inhaligheid is geen alternatief voor kleinschaligheid. De aarde biedt genoeg voor ieders behoefte, maar niet voor ieders hebzucht.

Daarom is revolutie meer noodzakelijk dan ooit. Zullen we in opstand komen tegen de politici en financiële dienstverleners die ons hebben wijsgemaakt dat geld het hoogste goed is? Zullen we weer gaan genieten van alles wat echt waarde vertegenwoordigt, de natuur, ons gezinsleven, de biodiversiteit, een stabiel klimaat, onze vrienden, onze familie? Alleen opstand tegen de traditionele politiek biedt kansen. Wanneer we die opstand niet laten ontsporen in frustratie, maar er nieuwe hoop uit putten.

We zullen de grenzen van de aarde als uitgangspunt moeten kiezen. Eckart Wintzen stelde al in 1994 voor niet het goede gedrag van mensen te belasten, maar het slechte gedrag. Waarom belasting heffen op activiteiten die waarde toevoegen, 21 procent btw-boete op vrijwel alles wat we ondernemen of aanschaffen? Waarom stellen we de arbeid niet vrij van belasting en belasten we het gebruik van alles wat schaars en kwetsbaar is? Een Belasting Onttrokken Waarde, op alles wat druk legt op de natuur, het milieu en de grondstoffenvoorraad. Zo stimuleren we hergebruik van grondstoffen en tegelijk ook de werkgelegenheid.

Laten we ons niet focussen op economische groei, maar op economische én persoonlijke ontwikkeling. De Partij voor de Dieren is de enige politieke partij die dat bepleit. Die niet de kortetermijn-mensenbelangen centraal stelt, maar de belangen van de planeet en, daaruit afgeleid, de belangen van al haar bewoners.

You may say that I'm a dreamer, but I'm not the only one!

8 oktober 2012

Meer aarde nodig bij biologische productie?

Boven een interview in de Volkskrant op 6 oktober met Louise Fresco staat de kop ‘Alles biologisch kost zes keer zo veel land'. Nu is een kop boven een artikel allereerst de verantwoordelijkheid van de redactie en bedoeld om de aandacht te trekken, maar er ligt ook een verantwoordelijkheid bij een krant om juiste informatie te verstrekken. Fresco heeft een nieuw boek geschreven “Hamburgers in het paradijs”. Van de achterflap:
De menselijke geschiedenis is er een van voortdurende schaarste aan voedsel. De overvloed die in de laatste decennia voor velen is ontstaan, is zo uitzonderlijk dat wij nog niet hebben geleerd ermee om te gaan. We zijn ingesteld op schaarste en koesteren nog steeds de mythe van overvloed en ecologisch evenwicht, zoals die beschreven wordt in de verhalen over het paradijs. Daarom is het zo moeilijk om onze consumptie te beteugelen. En daarom ook voelen we ons schuldig over de schade die we de planeet toebrengen.

In het interview wordt haar de vraag gesteld:
Simpel voorbeeld: nu wordt twee derde van het landbouwareaal ingezet voor de vleesproductie. De vraag naar vlees verdubbelt de komende veertig jaar. Dan hebben we anderhalve aarde nodig.
'Dat is een denkfout. Om te beginnen: er is veel land op aarde dat niet geschikt is voor akkerbouw. Denk aan de pampa's van Argentinië, de Mongoolse steppen. De koeien die daar lopen zetten voor ons onverteerbaar gras om in hoogwaardig voedsel. Er is geen andere en betere manier om dat te doen. Die gebieden worden nu heel extensief beweid. Ook kippen en varkens zitten in grote delen van de wereld nog op lage productieniveaus. Er valt nog veel winst te halen met verbeterde voeropname en efficiency.
'Wat veevoer betreft: de productiviteit van een graanakker in China ligt ongeveer 40 procent hoger dan in India. En in China ligt het weer 40 procent lager dan bij ons. Ook daar zit dus nog veel ruimte voor verbetering. Dan heb ik het niet over genetische modificatie, maar met de huidige technieken.
Tot zover het interview.

Het artikel roept de suggestie op dat we in Nederland goed bezig zijn met de intensieve landbouw en dat biologische productie nauwelijks van belang is.
Het zou jammer zijn wanneer deze verwarring bij de consument wordt gesticht. Ons land produceert 3x zoveel vlees en zuivel dan we zelf consumeren. Wanneer die productie wordt teruggebracht tot een evenwicht, dan heeft ons land veel minder vruchtbare buitenland-aarde nodig om veevoer te laten produceren en is er genoeg ruimte in eigen land om vee buiten te laten lopen. Met een nog wat kleinere consumptie van dierlijke eiwitten wordt het een nog gezondere balans in allerlei opzichten. Wanneer dieren een natuurlijk leven kunnen leiden in ons land, hoeven we ons met (dieren)recht niet meer zo schuldig te voelen. En wanneer we het buitenland het goede voorbeeld geven dat plantaardige voeding ook aantrekkelijk kan zijn, dan hebben we met zijn allen ook geen extra aarde nodig.

Marianne Thieme hekelt dat Fresco het eten van vlees als voldongen feit presenteert. Fresco is voor het matigen van het eten van vlees, maar noemt de wens om het vlees eten uit te bannen "een denkfout".

3 september 2012

Intensieve landbouw is niet duurzaam

Nederland moet zijn intensieve landbouw absoluut niet in de ban doen. Integendeel, de landbouw moet juist nog intensiever dan nu al het geval is. Het is het productiefste en duurzaamste systeem dat er is. Daarmee kan de groeiende wereldbevolking worden gevoed en het milieu worden gespaard. Dat stelt Aalt Dijkhuizen, voorzitter van de raad van bestuur van Wageningen Universiteit in een gesprek met Trouw (3-september).

Dijkhuizen gaat met zijn oproep voorbij aan dierenwelzijn. De redenering van Dijkhuizen ligt in de al jaren zichtbare trend om het opvangen van mest in de stal en vervolgens (eventueel na vergisting) in de wei uitrijden milieuvriendelijker te noemen dan een beperktere veestapel zelf hun mest in de wei te laten vallen. Het is niet logisch, maar wanneer je er niet lang over nadenkt dan blijft de kreet dat dieren op stal milieuvriendelijk is wel hangen.

Wanneer mensen minder vlees eten dan valt er een veel grotere bevolking te voeden dan wanneer de consumptie van vlees toeneemt. Alle hens aan dek dus om deze gedragsverandering op gang te helpen. Minder vlees is gezonder, milieuvriendelijker en vertraagt de opwarming van de aarde. Er zijn alleen maar voordelen.
Iemand die af en toe graag een stukje vlees of zuivel eet, zou voor de keuze gesteld moeten worden: is dat een verantwoord stukje of niet? De prijs van het niet-verantwoorde stukje vlees zou hoger moeten zijn, dan is de duurzaamheid van de intensieve veehouderij vanzelf verbeterd. Verantwoorde vlees of zuivel is afkomstig van een beperkte hoeveelheid dieren die buiten hebben gelopen en biologische voeding hebben gehad.

Deze opzet betekent dat Nederland minder producten uit de intensieve veehouderij kan exporteren omdat er minder dieren worden gehouden en trager opgroeien. Zich daarvoor inzetten is voor de Wageningse universiteit pas een duurzaam beleid. Daarnaast kan de WUR zich inzetten voor het intensiveren van akkerbouw in ontwikkelingslanden. Daar is niets mis mee.

Een dag later reageerde zijn collega Paul Struik, hoogleraar gewasfysiologie in Trouw:
Het interview doet het nodige stof opwaaien, ook in Wageningen zelf. "Er is vandaag veel gedoe op het werk", zegt Struik. "Veel mensen die het artikel hebben gelezen, zijn boos." Dijkhuizen hanteert wel een erg nauwe definitie van duurzaamheid, vinden zij. Daarin is geen ruimte voor dierenwelzijn, biodiversiteit en de kwaliteit van de bodem en het water. Struik: "Hij kijkt alleen naar de efficiëntie per eenheid product. Hij vermeldt daarbij niet dat de intensieve landbouw de mest op een kleiner oppervlak concentreert. Om de mineralenbalans in evenwicht te houden moet die terug naar de bron van het voer, maar dat is ver weg. In Brazilië of Thailand."

Dat Dijkhuizen een verband legt met mogelijke voedseltekorten, noemt Struik bangmakerij. "Hij stelt nu: 'Of je kiest voor intensieve landbouw of de groeiende wereldbevolking lijdt straks honger.' Dat klopt niet. We kunnen ook met zijn allen eten als we op een andere manier landbouw bedrijven."

Overzicht

Inleiding

Op dit blog staan artikelen over de omstandigheden die van invloed zijn op het dierenwelzijn van dieren in de veehouderij en in het wild. Vi...

De actualiteit rond dierenwelzijn via Facebook

Doorlezen en verdieping?

Voor selectie van een artikel over een bepaald onderwerp, klik op het label hieronder, bijvoorbeeld "agrarisch (87)".
Voor verdieping en verwante artikelen van Stichting Animal Freedom, Wakker Dier, Compassion in World Farming, Comité Anti Stierenvechten, Varkens in Nood, De Landelijke Dierenbescherming en het Belgische GAIA en EVA kies een label met onderwerp dat u zoekt en dat ook het label "cse zoekresultaten dierenrechtensites" heeft.
Na lezing van het blog klik op de link onderaan in het artikel bij "Klik hier om meer te lezen over ....." om naar de zoekresultaten te gaan.

Labels / steekwoorden

aalscholvers (3) actie voeren (23) afleidingsmateriaal (4) afmaken (2) afschot (8) agrarisch (87) agressie (1) agrobusiness (11) agrolobby (7) agrosector (20) AID (1) akkerbouwers (2) akkerrand (8) ambivalentie (2) ammoniak (14) antibiotica (29) antropomorfiseren (3) apen (9) bacteriële infectie (11) bank (5) basisbehoefte (1) bedrijfsvoering (4) beheer (6) belanghebbende (2) belastingbetaler (9) belazeren (4) beleid (17) berengeur (1) bescherming (6) besmetting (11) besparing (1) betrokkenheid (4) bever (1) beverrat (3) bewustzijn (22) bezwaren (1) bijdrage (1) bijensterfte (7) bijvangst (4) bio-dynamisch (1) bio-industrie (55) biobrandstoffen (4) biodiversiteit (25) biologische boer (20) biomassa (4) biomassavergisting (4) biotechnologie (1) biotoop (3) blank vlees (1) blauwtong (1) Bleker (38) bloedarmoede (1) bloeddruk (1) bodem (4) boek (51) boeren (26) boerenlogica (4) bonsai kitten (1) bont (9) boombruggen (1) Brambell (1) broedgebied (1) broeikaseffect (4) broeikasgassen (9) broodfokkers (2) bruinvis (2) burger (2) carnisme (1) castratie (8) celgetal (4) circus (11) CITES (2) CIWF (10) Club van Rome (2) CO2 (17) Comfort Class-stal (3) communicatie (2) concentratiekamp (1) consumptie (30) controle (6) crisiswet (1) cse zoekresultaten dierenrechtensites (54) damherten (1) debat (12) demagogie (64) depositie (2) depressiviteit (1) derogatie (6) dierenarts (2) Dierenbescherming (25) dierenleed (110) dierenmishandeling (12) dierenpolitie (1) dierenrechten (65) dierentuinen (9) dierenwelzijn (110) dierenwelzijnscoalitie (2) dierproeven (11) dierrechten (8) diervriendelijk (13) dierziekten (12) ding (2) dioxine (2) Dirk Boon (2) discriminatie (3) documentaire (1) doden (19) dodingsmethoden (4) dolfijn (8) doodknuffelen (1) doping (1) Drenthe (1) drogredenen (43) duiventil (2) dumping (2) duurzaamheid (35) dwangvoedering (2) ecoduct (8) ecoduiker (1) ecologie (30) economie (52) edelhert (5) eendagskuikens (2) eenden (1) eenzaamheid (2) EHEC (10) EHS (28) eieren (14) eiwitconsumptie (4) ekoproducten (2) emancipatie (2) emissie (3) empathie (2) ESBL (4) ethiek (18) etikettering (8) etiquette (1) EU (25) evolutie (4) exoten (3) export (81) fairtrade (1) FAO (4) fauna (5) Faunafonds (1) faunapassage (5) fazant (4) fijnstof (12) filmpje (62) filosofie (11) flora (3) foie gras (4) fokkers (7) fosfaat (5) fourageergebied (2) fraude (4) Friesland (1) fruitariër (1) GAIA (3) gans (25) geboortekrik (1) gedrag (5) geiten (9) geld verdienen (15) gemalen (1) gentech (3) Gerstenfeld (2) geur (1) gevangenschap (8) gevoelens (14) gewasschade (4) geweten (9) gezelschapsdieren (2) gezond verstand (3) gezondheid (23) Gezondheids- en WelzijnsWet voor Dieren (6) gif (13) gigastal (2) Godwin (5) goudvis (1) graan (1) grasland (2) Greenpeace (2) grenzen (4) groeibevorderaars (3) groene energie (4) GroenLinks (7) grondgebonden (5) grondrechten (15) grondwet (3) H1N1 (1) H5N1 (5) H5N8 (2) haantjes (4) Halacha (1) halal (6) handhaving (5) hart- en vaatziekten (2) hazen (4) hengelsport (4) herkomst (1) hitte (1) HLS (1) hobby (1) Hofganzen (1) Holocaust (3) hond (12) honger (11) hoorzitting (1) horeca (1) houden van (2) Hubertuslegende (2) huisdieren (32) huishoudelijk geweld (1) humor (6) hypocrisie (5) idealen (4) imago (15) import (8) inbeslaggenomen (2) infectiedruk (2) inkomensschade (1) inkomenssteun (2) inkomsten (4) innovatie (1) insecten (9) inteelt (2) integriteit (3) intelligentie (7) intensieve veehouderij (47) internationaal transport (11) intrinsieke waarde (30) jacht (29) jagen (9) jagers (18) jongeren (1) joodse wetten (2) justitie (3) kaas (2) kadaver (2) kalkoen (2) kalveren (12) kanker (1) katten (8) kerstdiner (3) keukentafelgesprekken (1) keurmerk (8) kievit (5) kiloknaller (3) kinderboerderij (4) kinderen (6) kippen (31) kippenhouder (3) kippenkooien (3) kippenmest (2) klimaat (30) KNJV (2) KNMvD (1) koeien (19) koeienrusthuis (2) konijn (12) kooihuisvesting (5) koosjer (5) kosten (9) kostprijs (17) kraai (1) kunst (5) kwaliteit (6) kweekvis (1) kweekvlees (1) lacto-intolerant (1) land (5) landbouw (18) landschap (10) leeuw (1) legbatterij (3) letsel (1) levensstijl (2) liefde (6) Limburg (1) linoleenzuur (1) LNV (10) Loesje (2) LOG (1) looprichels (1) LTO (9) luchtvervuiling (2) luchtwasser (5) maaibeleid (2) malafide (1) markt (5) mastitis (4) McDonalds (2) mededogen (2) media (15) meerwaarde (2) megastallen (43) melkprijs (20) melkquotum (16) melkveehouders (53) mensapen (4) mest (22) mestnormen (3) mestoverschot (27) mestverbranding (1) mestvergisting (8) migratie (3) milieu (29) Milieudefensie (16) MKZ (1) mondiale voetafdruk (6) moraal (9) MRSA (13) muizen (4) muskusrat (7) mythen (2) natuur (39) natuurbescherming (11) natuurbrug (4) natuurgebieden (19) natuurlijk evenwicht (13) neonicotinoïden (3) nertsen (18) Noord Brabant (1) NVWA (4) offerfeest (7) olieslachtoffers (1) olifant (6) omega-3-vetzuren (2) onderzoek (30) ontbossing (4) onteren (1) onverdoofd (11) onverschilligheid (2) onwetendheid (3) oor aan naaien (2) Oostvaardersplassen (18) open stellen (3) opheffen (1) ophokken (3) oproep (2) opvang (4) orka (5) otter (1) Ouwehand (4) overbemesting (6) overlast (25) overproductie (14) paarden (7) paling (5) pandemie (1) paradox (1) PETA (4) Peter Singer (5) plantaardige voeding (20) platteland (8) plezierjacht (29) plofkip (11) pluimvee (3) politie (3) politiek (76) populatie (9) positieflijst (2) postduiven (3) preventie (3) prijs (8) prisoner's dilemma (2) productiebos (1) productiviteit (2) proefdieren (7) Proefdiervrij (3) prooidieren (2) protest (13) provinciaal (4) Provinciaal OntwikkelingsPlan (1) provincie (3) puppies (1) PvdD (131) PVV (4) Q-koorts (19) Raad Van State (1) raaigras (3) Rabobank (8) ramp (2) ratten (2) recept (1) Rechten Voor Al Wat Leeft (3) reclame (14) recreatiegebied (5) ree (2) Rekenkamer (1) rekenmodel (1) rendement (3) rentmeesterschap (2) resistent (6) respect (24) ritueel (19) roofvogels (11) ruimen (10) ruimtebeslag (3) saneren (3) schaalvergroting (14) schadevergoeding (12) schapen (4) scharreleieren (3) Schmallenbergvirus (1) seks met dieren (2) sexen (1) SHAC (1) shechita (1) slachten (44) slachterij (7) slavernij (3) slow food (2) soja (9) SOVON (1) speciësisme (8) speculatie (1) speelketting (1) spelen (1) spiritualiteit (4) staartknippen (1) stadsboeren (1) stal (3) stierenvechten (6) stikstof (3) stropers (3) subsidie (27) supermarkt (25) symptoombestrijding (1) taal (4) Thieme (27) tijgers (2) toekomst (9) Tom Regan (5) tonijn (1) TV (1) uitspoeling (5) uitstoot (7) uitvalspercentage (4) utilisme (1) vaccineren (2) valorisatie (2) vangstquota (1) varkens (59) varkensflat (3) varkensgriep (3) varkenshouder (8) vee-industrie (27) veehandelaren (3) veemarkt (1) veestapel (33) veevervoer (2) veevoeder (16) veganisme (17) vegetariër (9) vegetarisme (27) verantwoordelijkheid (11) verboden (12) Verburg (19) verdoven (7) vergassen (3) vergiftiging (5) vergoeding (5) vergunning (6) verjagen (3) verkiezingen (20) verloting (1) versnipperen (3) verveling (9) vervuiling (9) verwaarlozing (4) verzorging (3) vestiging (1) virus (7) vis (12) Vissenbescherming (3) visserij (19) vitamine B-12 (2) vleermuizen (1) vlees (85) vleeskuikens (15) vleesvervangers (13) vlieg (1) vlinders (3) voeding (52) Voedingscentrum (2) voedingsvenster (1) voedingswaarde (3) voedseloverschotten (4) voedselprijs (10) voedselveiligheid (5) voedselzekerheid (13) Vogelbescherming (12) vogelgriep (16) vos (20) vrijheid (79) vuurwerk (3) VWA (2) Wakker Dier (32) walvis (8) wandelaar (3) WAP (2) waterkrachtcentrales (1) waterkwaliteit (3) waterschap (3) wederkerigheid (2) weidegang (32) weidevogels (19) Wereld Natuur Fonds (1) wereldmarkt (8) werkgelegenheid (1) wild (17) wildbeheereenheden (1) wildroosters (1) wildsignalering (2) wildviaduct (1) wildwissel (2) winstmarge (4) wol (1) wolf (4) WSPA (6) zeehond (3) zeereservaat (1) zeldzame dieren (3) zichtstal (4) ziektedruk (7) zoelen (1) zoönose (5) zorgboerderij (1) zorgplicht (3) zuivel (11) zwanendriften (1) zware metalen (1) zwerfdieren (3) zwijnen (5)

Zoeken op dit weblog, Animal Freedom, Wakker Dier, CIWF

Zoeken op dit weblog, Animal Freedom, Wakker Dier, CIWF

Steun Stichting Animal Freedom

Koop boeken via bol.com of Youbedo of doe een donatie en steun zo ons werk.

Blogarchief